Nep-adel in het programma Opgelicht: ‘Martijn Schlebaum de Bourbon’

Afb. Het nep-familiewapen De Bourbon op de rug getatoeëerd – het begin van een nieuwe trend in adellijk Nederland? Screenshot met dank aan het programma Opgelicht.

Dinsdagavond kwam in het programma Opgelicht een oplichter ter sprake, die beweerde van adel te zijn. Martijn ‘Schlebaum de Bourbon’ zou het petekind zijn van H.K.H Prinses Beatrix en bevriend zijn met H.K.H. Prinses Mabel. Ter ondersteuning van zijn verhaal en adellijke afkomst heeft hij – heel smaakvol – op zijn rug een variant op het familiewapen De Bourbon getatoeëerd. Opgelicht bracht een bezoek aan de Hoge Raad van Adel waar de secretaris mr. Marc Scheidius kon bevestigen dat de naam ‘Schlebaum de Bourbon’ niet bestaat en dat genoemde persoon niet tot de Nederlandse adel behoort.

Dit onderwerp uit Opgelicht online terugkijken? Kijk dan op https://opgelicht.avrotros.nl/uitzending/uitzending-gemist/21-11-2017/fragment/2105/.

Koninklijke én Franse onderscheiding voor Geneviève van Panhuys

Afb. 1. Burgemeester Carla Breuer speldt de Koninklijke onderscheiding op. Foto met hartelijke dank aan de heer Jan Leune.

Jonkvrouwe Geneviève van Panhuys was in 2003 een van de initiatiefnemers van de Stichting Jumelage Warmond Champigné. Deze stichting heeft als doel het ontwikkelen van vriendschapsbanden met de gemeenschap van Champigné in Frankrijk voor alle leeftijden en groepen in Warmond. Jarenlang was zij voorzitter en de grote drijvende kracht achter de jaarlijkse uitwisseling van bewoners tussen Warmond en Champigné, waaraan vele scholieren, sporters, musici, gemeenteraadsleden, zangkoren en andere inwoners goede herinneringen bewaren.

Daarnaast was zij de initiatiefneemster van het Frans Café, dat tien keer per jaar in Warmond georganiseerd wordt, waarbij lezingen, films, kleinschalige concerten en spellen de deelnemers de gelegenheid geven hun kennis van de Franse taal en cultuur te vergroten.

Ook voor de Johanniter Orde heeft zij zich jarenlang ingezet. Eerst als commissielid en later in het bestuur. Hierbij richtte zij zich op het werven van leden en vrijwilligers, en wist zij deze te stimuleren bij nieuwe activiteiten. Zij was een van de initiatiefnemers om jongere leden in te zetten bij de organisatie van vakantieweken in Estland, die speciaal voor jongeren met een lichamelijke beperking worden georganiseerd. Als coördinator van de jongerenactiviteiten met de zusterorganisaties van de Johanniter Orde in het buitenland, is zij tot op heden actief.

Afb. 2 V.l.n.r. Burgemeester Paul Jeanneteau van Champigné, Geneviève van Panhuys met in haar handen de Franse medaille en burgemeester Carla Breuer. Foto met hartelijke dank aan de heer Jan Leune.

Drijfveer bij haar activiteiten is dat een beter wederzijds begrip en respect tussen mensen uit verschillende groepen in de bevolking van de EU pas echt begint als je met elkaar in contact komt. “De uitwisselingen zijn daar mooi gereedschap voor. Ik geloof meer dan ooit dat het belangrijk is om elkaar te ontmoeten om elkaar beter te leren kennen en respecteren”, zei Geneviève van Panhuys hierover in een kranteninterview. Zij zegt daar verder over: “Ik heb geprobeerd op microniveau vorm te geven aan idealen en beleid die op macroniveau ontworpen zijn”.

Als een ambassadeur van haar gemeente bracht zij niet alleen de bestuurders van Warmond en Champigné bij elkaar, maar vooral ook de inwoners en gaf zij invulling aan de Europese gedachte tot samenwerking en wederzijds begrip.

Vanwege haar grote inzet voor Stichting Jumelage, maar ook voor andere activiteiten, bij met name de Johanniter Orde, heeft het Z.M. de Koning behaagd om haar te benoemen tot Lid in de Orde van Oranje-Nassau.

Burgemeester Carla Breuer van Teylingen zei over haar in haar toespraak: “Jij was gemeenteraadslid, vrijwilliger bij voetbalvereniging Warmunda en tien jaar bestuurslid bij de Johanniter Orde waar jij onder meer coördinerende taken vervulde en leden(wervende) activiteiten ontplooide. Internationaal faciliteerde en bevorderde je aandacht en samenwerkende projecten voor jongere leden van de Johanniter Orde. Zowel lokaal, nationaal als internationaal heb jij, als vrijwilliger, heel veel betekend, waarvoor jij een bijzondere blijk van waardering verdient.”

Tijdens de ceremonie was ook de Franse burgemeester Paul Jeanneteau van Champigné aanwezig, die Vice-President van de Conseil Regionale Des Pays de Loire is, en van hem kreeg Geneviève van Panhuys als erkenning voor haar bijzondere verdiensten de Franse medaille van de Assemblée Nationale.

Binnenkijken bij barones Van Nagell en haar teckels

Afb. Screenshot met hartelijke dank aan VPRO Het Gat van Nederland (1972) op vimeo.

Uit 1972 dateert dit filmpje, waarbij een bezoek wordt gebracht aan Simonette Marie barones van Nagell née barones van Haersolte van Haerst (1914-1990), die voorzitster was van de Nederlandse Teckelclub. Het filmpje werd gemaakt als vormexperiment vanuit het perspectief van de teckels. Barones Van Nagell stond erop om het filmpje vooraf te bekijken en mogelijk te verbieden in verband met het vreemde gedoe van de cameraman rond haar voeten en de crew wachtte in spanning af. Barones Van Nagell vond het filmpje, waarbij zij het perspectief van haar hondjes nu eens zelf kon beleven, echter “Eééénig” en stemde zonder meer met het eindresultaat in.

Wie goed kijkt, ziet aan de muur de portretten van de barones en haar echtgenoot, die al eens onderwerp van een bericht op AiN waren zie: www.adelinnederland.nl/op-stand-aan-wand-barones-nagell-en-amethisten-koningin-anna-paulowna/).

Link naar het filmpje op vimeo: https://vimeo.com/237290387.

VPRO Het Gat van Nederland (1972)
Stambomen in Nederland
Jaap Drupsteen
Hans Keller
Charles Leeuwenhoek
Theo Uittenbogaard

‘Expedition Nature’ in CODA Apeldoorn met o.a. Jochem op ten Noort en Scarlett Hooft Graafland

 

Afb. 1. Paul Rem, conservator Paleis Het Loo, en Enny Verhey, eigenaar Galerie Espace Enny, voor het werk van Scarlett Hooft Graafland. Foto met hartelijke dank aan Geertje Waanders.

In het CODA Museum in Apeldoorn is t/m 4 maart een tentoonstelling te zien met de titel ‘Expedition Nature’, waarop het werk van ruim twintig kunstenaars te zien is, die zich allen op hun eigen wijze laten inspireren door de natuur.

Beeldend kunstenaar Karin Bos – zelf ook met werk op deze tentoonstelling aanwezig – maakte een selectie van kunstenaars die in uiteenlopende disciplines werkzaam zijn en die hun inspiratie vinden in binnen- en buitenland. Hierbij is gekeken naar verband met haar eigen werk, maar ook op welke wijze de natuur, het landschappelijke en het menselijk ingrijpen in hun werk een rol speelt. Alle kunstenaars kenmerken zich zonder meer door een onderzoekende en open houding.

Afb. Jochem op ten Noort voor zijn werk op deze tentoonstelling. Foto met hartelijke dank aan Geertje Waanders.

Twee van de deelnemende kunstenaars zijn in het rode boekje terug te vinden. Jonkheer Jochem op ten Noort (1976) studeerde aan de academie in Utrecht. In zijn jeugd woonde hij in de VS en maakte op dit continent met zijn ouders vele reizen. Hier ontstond zijn fascinatie voor landschappen, die ook na terugkeer in Europa bleef bestaan. Hij vindt dat landschappen een grote invloed hebben op de cultuur en mentaliteit van mensen en op de bouwstijl. In de overgang van het ene naar het andere landschap zit een bepaald ritme, waarin hij uiteindelijk verschillende patronen waarneemt.

Jonkvrouwe Scarlett Hooft Graafland (1973) volgde opleidingen in Groningen, Den Haag, Jeruzalem en New York. Voor haar foto’s reist zij het liefste naar plekken met nog intacte culturen. Pas ter plaatse bedenkt ze wat ze wil fotograferen. Hier improviseert ze met materialen en situaties. Ze vindt dat het landschap een verhaal vertelt en met haar foto’s probeert ze daar grip op te krijgen. Haar werk ziet ze veel eerder als sculpturen dan als fotografie. Samen met inwoners van een gebied, waar ze soms maanden verblijft, ensceneert ze objecten en legt met foto’s sculpturale performances vast.

Benieuwd naar meer informatie over deze tentoonstelling en bezoekmogelijkheden? Kijk dan op www.coda-apeldoorn.nl/museum/verwacht/expedition-nature/.

Boekennieuws: Sociëteit van Essequebo. Op- en ondergang van een coöperatieve scheepvaartonderneming (1771-1788)

Maritiem historicus Ruud Paesie onderzocht in verschillende familiearchieven de in 1771 opgerichte ‘Societeyt ter Navigatie op Essequebo en annexe Rivieren’, waarvan de geschiedenis nog vrijwel onbekend was en waarbij het probleem was, dat de bedrijfsadministratie in 1940 door een oorlogsbrand verloren ging.

De oprichting was het gevolg van een strijd tussen Amsterdam en Middelburg om de Zuid-Amerikaanse kolonie Essequebo en Demerary (het huidige Guyana). In Zeeland trok de Sociëteit kapitaal aan door middel van de uitgave van aandelen. Ongeveer 180 aandeelhouders tekenden in, waaronder Zeeuwse regenten, waarvan nakomelingen in de 19e eeuw geadeld werden. Met het geld werden fregatten aangekocht voor de vaart op Essequebo.

Onlangs vond de boekpresentatie plaats, waarbij het eerste exemplaar werd overhandigd aan jonkheer mr. Dolph Boddaert, die een nakomeling is van de president-directeur van de Sociëteit van Essequebo.

Link naar meer informatie en bestelmogelijkheid: https://geschiedenis-winkel.nl/societeit-van-essequebo-ruud-paesie.html.

Marie-Jeanne van Hövell tot Westerflier: fotografe met een schildersziel

Afb. 1 Zelfportret van Marie-Jeanne van Hövell tot Westerflier.

Van 19 t/m 26 november is de PAN Amsterdam, de beurs voor kunst, antiek & design en ook dit jaar is hier werk van Marie-Jeanne van Hövell tot Westerflier te zien. In het oktobernummer van het digitale magazine voor de donateurs van AiN stond een uitgebreid interview met Marie-Jeanne over haar nieuwste werk en hieronder volgen enkele fragmenten.

Mijn eerste kennismaking met Marie-Jeanne barones van Hövell tot Westerflier was in 2014 bij de boekpresentatie van ‘Verborgen schoonheid, de huizen Van Brienen, Van Loon en Willet-Holthuysen’, waarvoor zij op tijdloze wijze de verstilde interieurs van Huis van Brienen (van de baronnen Van Brienen van de Groote Lindt), Museum Van Loon (van de jonkheren Van Loon) en Museum Willet-Holthuysen fotografeerde. Hier werd verteld hoe zij urenlang kon wachten op het juiste licht, waarbij zij op de grond lag of zich in de vreemdste bochten bewoog om het maximale resultaat te bereiken voor die ene foto die zij wilde maken – een perfectioniste met oog voor detail. Steeds fotografeerde zij daarbij in zwart-wit en dit maakte haar foto’s tijdloos. Onlangs zag ik verrassend nieuw werk van haar en dit was de aanleiding om haar te interviewen over haar werk als fotografe.

Afb. 2. Stilleven uit de serie Contemplation Still Life door Marie-Jeanne van Hövell tot Westerflier.

Marie-Jeanne is doktersassistente en maatschappelijk werkster geweest. Hoe begon je werk als fotografe? “Al voor mijn 20e wilde ik graag naar de filmacademie omdat ik dol was op ‘beeld’ en ‘licht’. Ik kreeg een filmcamera cadeau waarmee ik vele films maakte en deze ook zelf monteerde maar uiteindelijk ben ik niet naar de academie gegaan want dat vonden mijn ouders niet zo’n goed idee toen en ik ben daarom een andere weg gegaan. Maar in 1997 had ik mijn eerste fotografie tentoonstelling en in 2006 de eerste officiële tentoonstelling in Museum van Loon te Amsterdam. Ik ben kunstfotografe en daar dagelijks mee bezig. Daarnaast fotografeer ik voor Stichting Make a Memory overleden kinderen in het ziekenhuis of bij mensen thuis. Tijdens die sessies kan ik mijn huidige passie goed combineren met mijn grote ervaring als medisch maatschappelijk werkster uit het verleden.”

De schoonheid van stillevens
In de afgelopen jaren fotografeerde je veel mensen, stadsgezichten, maar ook interieurs. Je nieuwste werk is totaal anders: wat is je inspiratie hiervoor geweest? “De nieuwe serie Contemplation bevat allemaal verschillende stillevens. Al heel jong was ik gefascineerd door de stilte en de schoonheid in schilderijen van stillevens. Maar ook in de fotografie zoals bijvoorbeeld Kertèsz. Daar speelt licht ook een essentiële rol. Door de eeuwen heen hebben kunstenaars zich met stilleven bezig gehouden maar je ziet steeds dat elke schilder of fotograaf geheel zijn eigen stijl heeft, ook al is het onderwerp min of meer hetzelfde.”

Afb. 3. Stillevens uit de serie Contemplation Still Life door Marie-Jeanne van Hövell tot Westerflier.

Werkwijze
“Ik werk hetzelfde als wanneer ik met een model werk. Wacht op het juiste licht. De concentratie is 200% en niemand mag mij dan storen. Het voordeel bij stilleven is dat ik mij geheel op het onderwerp kan richten en niet ook nog de conversatie met het levende model erbij heb. Het stilleven bouw ik zelf op. Dit gaat geleidelijk en ik laat mij leiden door mijn intuïtie.” En wat spreekt je zelf hierin het meeste aan? Marie-Jeanne: “Ik streef naar eenheid in kleurschakeringen. Houd niet zo van alle kleuren van de regenboog maar meer van ingetogenheid, warmte en kleuren die terug komen. Dit geeft een zekere rust in het beeld. Ik kom natuurlijk uit de tijdloze zwart-wit fotografie en de sfeer en uitstraling die ik nu gevonden heb in de verstorven kleuren van stillevens met mijn digitale back van de analoge Hasselblad sluiten daar heel goed bij aan.”

Inspiratie
Je foto’s doen mij denken aan 17e-eeuwse stillevens: zijn deze een voorbeeld voor je? “Ja en nee. Het beeldschone licht in een glas van Claesz Heda met de sobere kleuren bezorgen me kippevel. Maar er zijn ook hele overdadige volle stillevens in de 17e eeuwse schilderkunst die mij op schilderijen aan kunnen spreken maar minder in mijn eigen stijl van fotograferen. Ook 19e eeuwse of vroeg 20e eeuwse stillevens kunnen mij inspireren bijvoorbeeld die van de vroeg gestorven Jan Mankus. Maar uiteindelijk ontwikkel je een geheel eigen stijl en signatuur. Weer telt voor mij: soberheid, licht, schoonheid en afgestemde kleuren die een eenheid vormen.”

Benieuwd naar het werk van Marie-Jeanne? Kijk dan eens op haar website www.marie-jeannefotografie.nl of bezoek haar op de PAN Amsterdam stand # 131, de beurs voor kunst, antiek & design, die van 19 t/m 26 november in de RAI Amsterdam georganiseerd wordt. Voor meer informatie over deze toonaangevende beurs zie http://www.pan.nl.

Haar werk wordt vertegenwoordigd door Eduard Planting Gallery| Fine Art Photographs www.eduardplanting.com. In 2019 is Wonen op de borg en op de gracht op de Fraeymelaborg te zien.


Benieuwd naar het hele interview en de rest van de inhoud van het digitale magazine van AiN? Door nu voor 17,50 euro per jaar donateur te worden, ontvangt u de 5 eerder dit jaar verschenen magazines meteen in uw mailbox en in december komt daar het Kerstnummer nog bij. Meer weten? Mail dan naar nieuwsbrief@adelinnederland.nl.

Veilingnieuws: het portret van Agatha Vallensis née van Beresteyn (1625-1702)

Afb. Agatha Vallensis née van Beresteyn (1625-1702) op haar portret door Jacob Willemsz. Delff II. Foto met hartelijke dank aan veilinghuis Arts & Antiques Group.

Op maandag 20 november wordt bij het veilinghuis Arts & Antiques Group in Amsterdam een 17e-eeuws portret geveild van een telg uit het regentengeslacht Van Beresteyn, waarvan nakomelingen sinds de 19e eeuw tot de Nederlandse adel behoren.

Agatha (ook: ‘Aechge’) van Beresteyn werd geboren op 16 juli 1625 in Delft als dochter van Cornelis van Beresteyn en Corvina van Hoffdijck. Haar vader was burgemeester van Delft en stamde uit een regentengeslacht, waarvan de stamvader in 1486 in Amsterdam vermeld wordt. Als kooplieden en bestuurders kwam de familie tot aanzien en in 1681 werd door een tak het kasteel Maurick aangekocht, dat tot in 1884 familiebezit bleef. In 1825 werden 5 nakomelingen in de Nederlandse adel verheven met het predikaat van jonkheer.

Aechge van Beresteyn huwde in 1646 dr. Theodorus (Dirck) Jacobsz. Vallensis (1612-1673). Hij kwam uit een familie die om geloofsredenen uit Vlaanderen gevlucht was en die hier al snel tot aanzien kwam. Na zijn studie in de medicijnen werd hij onder meer lid van de vroedschap en schepen, en was gedurende enkele jaren burgemeester van Delft. Ook was hij lijfarts van de Stadhouders Maurits en Frederik Hendrik. Het echtpaar kreeg eerst 3 zoons, waarvan de oudste jong overleed, en daarna een dochter. Het gezin woonde aan de Oude Delft nr. 132 in een huis dat hier nog steeds staat. Tekenend voor hun welvaart waren de schilderijen van onder meer Van Miereveld en Jordaens die hier aan de muur hingen. Daarnaast bezat het echtpaar ook de buitenplaats Ypenburch onder Rijswijk.

Na het overlijden van haar echtgenoot leefde Aechge nog bijna 29 jaar als weduwe en overleed op 12 mei 1702 in Delft. Aechge van Beresteyn werd 76 jaar en werd begraven in de Oude Kerk in Delft.

Haar portret bleef lange tijd in de collectie Van Beresteyn in Delft en kwam door vererving in het bezit van de huidige eigenaar, die het nu laat veilen. Het portret meet 68,5 x 56,4 cm, is geschilderd op paneel en is gesigneerd door Jacob Willemsz. Delff II. De verwachte opbrengst is 7000-9000 euro.

Link naar de website van veilinghuis Arts & Antiques Group in Amsterdam: https://veilinghuisaag.com.

 

‘Holland op de kaart’ & de Stichting Creatief Onderwijs van Ilona van Voorst tot Voorst

Afb. 1. Ilona van Voorst tot Voorst met de winnares van een geslaagde middag ‘Holland op de kaart’ in verzorgingshuis Oldeslo. Foto met hartelijke dank aan Stichting Creatief Onderwijs.

Ilona barones van Voorst tot Voorst ontwikkelde enkele jaren geleden ter gelegenheid van het 200-jarig bestaan van ons Koninkrijk een spannend en vrolijk spel, waarmee jong en oud spelenderwijs kennis kan maken met onze vaderlandse geschiedenis en de belangrijke rol die de Oranjes daarin speelden. Het spel is nu uitgebreid met bijna levensgrote speelkaarten en heet in deze vorm ‘Holland op de kaart’. Daarnaast is zij de drijvende kracht achter de Stichting Creatief Onderwijs, waarbij scholen in heel Nederland onder het motto ‘Adopteer een verzorgingshuis’ een verzorgingshuis onder hun hoede kunnen nemen, met als doel om jongeren met ouderen in contact te brengen om zo het maatschappelijk bewustzijn en de betrokkenheid van jongeren op deze manier te vergroten.

Afb. 2. Een vrolijke afsluiting van een geslaagde middag met twee gekroonde winnaars. Foto met hartelijke dank aan Stichting Creatief Onderwijs.

Op dinsdagmiddag 24 oktober kwamen groepen leerlingen van 4 verschillende scholen op bezoek op huis Oldeslo in Den Haag om ‘Holland op de kaart’ te komen spelen samen met bewoners van het verzorgingshuis. Het werd een ongedwongen middag, waarin jongeren en ouderen met elkaar konden kennismaken en delen, waarbij de kennis van de vaderlandse geschiedenis ook nog eens geoefend werd.

Een scholier en een bewoonster van het verzorgingshuis werden tot winnaar van het spel uitgeroepen, om vervolgens tot koning en koningin gekroond te worden. Toeval of niet, maar de winnares was in koninklijk blauw gekleed, wat de middag een extra feestelijk tintje gaf!

Link naar meer informatie over en bestelmogelijkheid van het Koningsspel: www.koningsspel.nl.

Link naar meer informatie over de Stichting Creatief Onderwijs: www.adopteereenverzorgingshuis.nl.

Magazine Noorderland: bezoek aan de Eese van de familie Van Karnebeek

Afb. Een gedeelte van de uitgebreide reportage over de Eese in het magazine Noorderland. Foto met dank aan Noorderland.

In 1923 kocht jonkheer dr. Herman Adriaan van Karnebeek (1874-1942) het landgoed de Eese. Hij was gehuwd met Adriana Justine Civile barones van Wassenaer (1882-1944) en op dat moment minister van Buitenlandse Zaken. Zijn nakomelingen wonen er in de vierde en vijfde generatie nog en ook al is het ruim 800 hectare grote landgoed ondergebracht in een BV, de negen huizen op het landgoed zijn nog steeds privébezit.

In het magazine Noorderland deze maand een uitgebreide reportage met foto’s over de verschillende facetten en het beheer van dit landgoed.

Noorderland ligt nu in de winkel en kost 6,99 euro. Link naar de website: http://noorderland.nl/.

Boekennieuws: 2e druk De Amsterdamse Buitenplaatsen

amsterdamse-buitenplaatsenIn 2015 verscheen dit boek van René W. Chr. Dessing, directeur van de Stichting Kastelen, Buitenplaatsen en Landgoederen (www.skbl.nl ),  waarin de unieke en rijke geschiedenis van de ongeveer zestig overgebleven buitenplaatsen is vastgelegd, die door Amsterdamse regenten zijn gesticht. Het boek was al snel uitverkocht en deze week verschijnt de tweede druk van ‘De Amsterdamse buitenplaatsen, over het landleven van stedelijke kooplieden en regenten’.

De vergeten geschiedenis van dit rijke culturele erfgoed is hierin voor het eerst in een compleet standaardwerk vastgelegd met niet alleen uitgebreide informatie over de buitenplaatsen en hun bewoners (waarvan vele nakomelingen in de 19e eeuw in de Nederlandse adel werden verheven), maar ook over activiteiten op deze buitenplaatsen nu.

Het boek kost € 19,95 en is te bestellen via www.kantoorverschoor.nl/de-amsterdamse-buitenplaatsen/.