Nieuwe uitgave Magazine kasteel Keukenhof

Keukenhof, compilatie

In 2003 overleed Jan Carel Elias graaf van Lynden en werd de ‘Stichting Kasteel Keukenhof’ eigenaar van kasteel Keukenhof, de inboedel en de landerijen. Sindsdien voert de stichting een buitengewoon actief beleid om het bezit in optimale staat te brengen en te houden. Ook wordt er geprobeerd informatie over de collectie en de geschiedenis voor een breed publiek toegankelijk te maken door het uitgeven van een jaarboek en een magazine. Voor € 17,50 per jaar wordt u vriend van kasteel Keukenhof, steunt u de instandhouding van dit bijzondere erfgoed en krijgt u dit magazine toegestuurd. Meer informatie hierover: www.vriendenvankasteelkeukenhof.nl/vrienden/vriend-worden.

Niet alleen het kasteel en de tentoonstelling zijn overigens een bezoek meer dan waard, maar ook het prachtige park met beeldentuin is een aanrader! Voor meer bezoekersinformatie: www.kasteelkeukenhof.nl.

Lezing over Groninger grafkelders met boekpresentatie

Grafkelders in Groningen 9Grafkelders in Groningen 10Grafkelders in Groningen 2
Afb. 1 t/m 3. De voorkant van het boekje, de heer Peter Breukink, directeur Stichting Oude Groninger Kerken en petit fours met daarop de afbeelding van een grafkelder

Op vrijdag 8 april jl. was er in de Remonstrantse Kerk in Groningen een lezing over een onderdeel van het veelal adellijk funerair erfgoed in kerken dat velen fascineert: grafkelders. In zijn welkomstwoord vertelde de heer Peter Breukink, directeur van de Stichting Oude Groninger Kerken (SOGK), dat er een steeds terugkerend verzoek is om in grafkelders te mogen kijken en toen de grafkelder in de kerk van Midwolde werd opengesteld, stonden er lange rijen wachtenden tot buiten voor de kerk.

Grafkelders in Groningen 3
Afb. 4. De heer Harry Brouwer, auteur van ‘Een grote hoop verrot holt en dog weijnig beenderen. Grafkelders in het Groningerland’

De heer Harry Brouwer, schrijver van ‘Een grote hoop verrot holt en dog weijnig beenderen. Grafkelders in het Groningerland’, vertelde in zijn inleiding over zijn eigen fascinatie voor dit fenomeen, die begonnen was toen hij als 13-jarige de mummies in Wieuwerd bezocht. Sindsdien heeft hij in heel Europa vele grafkelders bezocht. De bekendste in Groningen is volgens hem die in Midwolde. Over deze kerk met zijn rouwborden, herenbank, grafkelder en grafmonument zei hij: “Midwolde is het Delft van Groningen.” Op de Dag van de Groninger Geschiedenis kwam hij in gesprek over de reeks, die de SOGK heeft uitgegeven en zei dat hierin een deeltje miste. Dit was het begin van het boekje dat op deze avond gepresenteerd werd en waarover hij vertelde dat hierbij de opdracht was, dat dit voor de gemiddelde leek geschikt moest zijn en dat het ook luguber moest zijn.

Kletterende regen
Om te laten zien hoe grafkelders ook nu nog blijven fascineren, citeerde hij uit krantenberichten, die steeds uitvoerig berichtten over de vondst van grafkelders met gepast taalgebruik. Zo schreef in 1985 de Leekster Courant over een bezoek aan een grafkelder, waarbij de weersomstandigheden passend waren, want ‘de regen kletterde met honderden druppels naar beneden’ en beneden werden ze in de grafkelder ‘bijkans de stuipen op het lijf gejaagd’ door ‘bizarre vondsten’. Het woord ‘luguber’ werd niet vermeden en stond wel tien keer in dit bericht.

Grafkelders in Groningen 4
Afb. 5. De heer Harry Brouwer overhandigt het eerste exemplaar aan de heer Redmer Alma

Grafkelders als onderdeel van het interieurlandschap in kerken
Hierna werd het eerste exemplaar aan de heer Redmer Alma, historicus en auteur over adelsgeschiedenis, heraldiek en geschiedenis, overhandigd, die het eigenlijk vreemd vond dat er vrijwel niets over grafkelders is gepubliceerd, want ‘bijna iedere kerk wil er wel één hebben’ en grafkelders spreken velen tot de verbeelding. Hij noemde grafkelders ‘een deel van het interieurlandschap van een kerk’. Grafkelders boden, samen met rouwborden, herenbanken en monumenten, de mogelijkheid voor representatie.

Twee mysteries over grafkelders
Hierbij sprak hij over twee mysteries: de uiterlijke verschijningsvorm van grafkelders is veelal eenvoudig en beperkt zich tot een jaartal, een naam of een wapen op de steen. Het tweede mysterie is de ouderdom, waarbij hij zich afvroeg of er eigenlijk wel 15e eeuwse grafkelders zijn. Hij vond dat er nog veel onderzoek noodzakelijk was op dit gebied, zoals in Farmsum, waar vele belangrijke historische zerken zijn teruggevonden, maar het koor nog niet onderzocht is. Hier moet zich onder een buitengewoon fraai gedetailleerde en gesigneerde grafsteen van een telg van het adellijke geslacht Ripperda nog een grafkelder bevinden, die het waard is om onderzocht te worden.

Grafkelders in Groningen 6Grafkelders in Groningen 7
Afb. 6 en 7. De heer Harry Brouwer tijdens zijn lezing

Grafkelder als adellijk statussymbool
Na deze boekpresentatie vond de lezing plaats door de heer Harry Brouwer, die liet zien dat de fascinatie voor de dood zich ook in het heden voortzet. Hierbij noemde hij als voorbeeld hedendaagse kunstenaars als Damian Hirst met zijn met diamanten ingelegde schedel en Gunther von Hagen met zijn anatomische preparaten. Grafkelders noemde hij ‘het statussymbool van de adel’. In combinatie met de herenbanken, rouwborden, glas-in-lood-ramen en wapens op orgels kon de adel zich hiermee onderscheiden. Een adellijke grafkelder bevond zich meestal op het koor, dat hij ‘het toneel in een kerk’ noemde en na de Reformatie was hier ruim de mogelijkheid voor en “De ruimte voor de Heer werd veranderd voor de heer.”

De pruik van Georg Wilhelm
Hierna ging hij dieper in op de traditie van het begraven in kerken met de bijkomende problemen, zoals begin 19e eeuw in Bruinisse, waar een geopende grafkelder leidde tot een plaag van vliegen en kakkerlakken, waardoor de kerkdienst geen doorgang kon vinden. Na een aantal bekende grafkelders te hebben laten zien, vertelde hij uitgebreid over bekende voorbeelden hiervan in Groningen. Uit de reeds eerder genoemde grafkelder van de baronnen en graven Von Inn- und Kniphausen kon hij een plukje van de pruik van de in 1709 overleden Georg Wilhelm des H.R. Rijksgraaf von Inn- und Kniphausen laten zien, dat van berenhaar uit de Andes gemaakt zou zijn. De foto van de grafkelder in de Donatuskerk in Leermens liet tot slot zien hoe deze tot op heden zeer functioneel gebruikt werd: als aardappelopslag voor de koster, die er ook witlof kweekte.

grafkelder
Afb. 8. De grafkelder van de baronnen en graven Von Inn- und Kniphausen in Midwolde

Geínteresseerd in ‘Een grote hoop verrot holt en dog weijnig beenderen. Grafkelders in het Groningerland’ door Harry Brouwer, dat als deel 18 in de reeks Groninger Kerkhoven is verschenen en waarin grafkelders in 16 kerken worden besproken? Kijk dan op de website van de Stichting Oude Groninger Kerken: www.groningerkerken.nl.

Geboren: Van Asch van Wijck

Asch van Wijck, wapen

Jonkvrouwe Anahi Victoria Patricia Alix van Asch van Wijck, geboren ’s-Gravenhage 31 maart 2016, dochter van jonkheer Lodewijk Henrick Karel Cornelis van Asch van Wijck en Nicole van Asch van Wijck née Doeswijk.

Crowdfunding: de statieberline van de jonkheren Van Loon

Museum Van Loon, galaberline
Afb. De Statieberline in volle glorie met koetsier en palfrenier in groot tenue

In 1910 werd deze koets door de familie Van Loon besteld om bij bijzondere gelegenheden te gebruiken. De koets is in de kleuren geel en zwart gelakt: de heraldische kleuren in het familiewapen Van Loon. Het rijtuig dreigt echt door zijn wielen heen te zakken en de lak bladdert af en daarom is er onlangs een crowdfunding actie gestart om het te kunnen restaureren, waarbij deelname al vanaf € 10,- zeer welkom is. De teller staat nu op € 5860,-. Doet u ook mee om dit bijzondere rijtuig weer in oude glans te laten stralen en het zo terug te laten keren in het koetshuis van Museum Van Loon? Kijk dan op: www.voordekunst.nl/projecten/4404-breng-het-rijtuig-naar-het-koetshuis

Laatste voorstelling ‘Liedvermaak’ van Jacquelien de Savornin Lohman

Savornin Lohman, Liedvermaak, Jacquelien de (1)
Afb. 1. Zwierig gooit Jacquelien de Savornin Lohman haar been op de vleugel

Gistermiddag was in Nijmegen deze laatste voorstelling van prof. jonkvrouwe mr. dr. Jacquelien de Savornin Lohman, die bij aanvang meteen haar adellijke afkomst relativeert, want ze is maar een jonkvrouwe en als het nu nog barones was geweest… Ze is 82 jaar, maar vertelt en zingt vol energie en gooit ineens soepel haar been omhoog op de vleugel. In het programma gaat het over haar eigen leven en beschouwt zij met humor de wereld van vroeger en nu. In haar zelfgeschreven liedjes, die begeleid worden door haar vaste pianist Bram Commijs, klinkt nostalgie door, zoals in ‘Ouderlijk huis’:

Wat glas, wat cement en stenen
’t Zit in m’n lijf, zit in m’n genen
Wat stenen, cement en glas
’t Zit in m’n lijf, ’t is wat ik was.

Savornin Lohman, Liedvermaak, Jacquelien de (2)Savornin Lohman, Liedvermaak, Jacquelien de (3)
Afb. 2 en 3. Jacquelien de Savornin Lohman met haar vaste pianist Bram Commijs

Jacquelien de Savornin Lohman is oud-lid van de Eerste Kamer der Staten-Generaal, oud-hoogleraar orthopedagogiek en begon op haar zeventigste als cabaretière. Ook al was dit haar laatste voorstelling van ‘Liedvermaak’, zij stopt nog niet, maar gaat nu verder met cabaret-op-maat, waarvoor zij te boeken is via haar website www.jdesavorninlohman.nl.

Link naar een fragment van één van haar liedjes op het Youtubekanaal van AiN: www.youtube.com/watch?v=cJyAUxBREXU

Boekpresentatie: ‘Driemaal Oost. François van Aerssen Beijeren van Voshol (1883-1968) marineofficier, koopman en diplomaat’

Lange Voorhout
Afb. 1. In het midden het witgepleisterde, zeven traveeën brede onderkomen van de Groote Sociëteit op het Haagse Lange Voorhout

Onlangs vond in de Groote Sociëteit Haagsche Club-Plaats Royaal op het Lange Voorhout, waar de crocussen uitbundig stonden te bloeien, de boekpresentatie plaats van deze biografie, die de oud-diplomaat mr. Marnix baron van Aerssen Beijeren van Voshol schreef over zijn vader. Na een lezing door de historicus dr. Herman de Liagre Böhl werd het eerste exemplaar aangeboden aan dr. B.R. (Bernhard) Bot, oud-minister van Buitenlandse Zaken.

Aerssen, Van 3
Afb. 2. Oud-minister van Buitenlandse Zaken dr. Bernhard Bot aan het woord met achter hem de schrijver van het boek mr. Marnix baron van Aerssen Beijeren van Voshol

In het boek wordt het boeiende leven beschreven van deze begaafde diplomaat, die zijn carrière begon als marineofficier en koopman en die belangrijke historische gebeurtenissen en personen van nabij meemaakte. Bij het lezen kwam dan ook meteen de Engelse uitspraak ‘May you live in interesting times’ naar boven. Marnix van Aerssen schreef al eerder een boek waaruit zijn grote historische belangstelling en kennis blijkt. Zo schreef hij in 2012 ‘Krijgsgevangene in Rusland’ over zijn overgrootvader die tijdens de Tocht naar Rusland in 1812 van Napoleon door de Kozakken werd gevangen genomen en in 2005 schreef hij het artikel ‘Couperus op bezoek in de havenstad Sabang’.

Op deze zeer druk bezochte boekpresentatie waren vele bekende namen uit het rode boekje aanwezig, zoals De Beaufort, Beelaerts van Blokland, Teding van Berkhout, Boddaert, Dedel, Witsen Elias, Feith, Van Geen, Van Heemstra, Van Hövell tot Westerflier, Prisse, van Randwijck, De Ranitz, Reigersman, Van Riemsdijk, Schimmelpenninck van der Oije, Teixeira de Mattos, Six, Strick van Linschoten,Van Voorst tot Voorst en Laman Trip.

Driemaal Oost
Afb. 3. De voorkant van het boek ‘Driemaal Oost. François van Aerssen Beijeren van Voshol (1883-1968) marineofficier, koopman en diplomaat’

Binnenkort volgt op AiN een uitgebreide boekrecensie, maar mocht u nu al meer willen weten over dit boek, dat een echte aanrader is, kijk dan op: www.karwansaraypublishers.com/pw/books/overview/driemaal-oost-francois-van-aerssen-beijeren-van-voshol-1883-1968/

Het verhaal bij het portret van de gravin Van Bylandt

Bylandt-Munter

In het magazine Seasons staat een serie, waarin nakomelingen vertellen over het verhaal bij een portret van een voorouder. Dit keer vertelt Frans baron van Verschuer over Maria Johanna des H.R. Rijksgravin van Bylandt née Munter (1721-1768), een Amsterdamse regentendochter, die met haar kapitaal het voortbestaan van Mariënwaerdt mogelijk maakte.

De maart editie van Seasons ligt nog in de winkel en kost € 6,95.

Gratis kaart voorstelling ‘Liedvermaak’ van Jacquelien de Savornin Lohman

Savornin Lohman, Jacquelien de

Morgen is om 15.30 uur de laatste voorstelling van ‘Liedvermaak’ in De Lindenberg in Nijmegen. AiN gaat er heen en heeft een kaart over. Door voor zondag 10 april 10 uur te mailen naar info@adelinnederland.nl maakt u kans om morgen gratis mee te kunnen naar deze bijzondere voorstelling!

Prof. jonkvrouwe mr. dr. Jacqueline (‘Jacquelien’) de Savornin Lohman (1933), is oud-lid van de Eerste Kamer der Staten-Generaal, oud-hoogleraar orthopedagogiek en nu cabaretière. Haar laatste voorstelling ‘Liedvermaak’ gaat over haar eigen leven, waarover zij met humor en nostalgie vertelt én zingt.

Foto met hartelijke dank aan www.jdesavorninlohman.nl

Overleden: H.M. barones van Rijckevorsel van Kessel née Koster

Rijckevorsel, wapen
Afb. 1. Het familiewapen Van Rijckevorsel van Kessel

Huberta Maria barones van Rijckevorsel van Kessel née Koster, geboren Deventer 21 september 1919, overleden Wassenaar 9 februari 2016, douairière Eugène Marie baron van Rijckevorsel van Kessel.

In Memoriam
Huberta Maria (‘Betty’) Koster werd geboren op 21 september 1919 te Deventer als eerste kind van Nicolaas Johannes Koster en Sophia Hubertina Vandalon. Na haar werd er nog een broertje geboren en zij groeide op in Deventer, waar het gezin vlakbij de IJssel woonde aan de Worp nr. 22, terwijl haar vader als directeur van de vleeswarenfabriek N.V. G. IJsseldijk werkzaam was in het nabijgelegen Twello. In 1944, zij was toen vierentwintig jaar oud, kwam haar moeder onverwachts na een kort ziekbed te overlijden. Nadat haar broer in Utrecht ging studeren, bleef zij met haar vader alleen achter in het ouderlijk huis, maar toen zij negenentwintig jaar was, kwam ook haar vader plotseling te overlijden.

Later dat jaar huwde zij op 28 oktober in Nijmegen jonkheer Eugène Marie van Rijckevorsel van Kessel. Hij stamde uit een geslacht waarvan de stamreeks teruggaat tot in 1523 in Breda. Zijn familie bracht eeuwenlang ondernemers voort, eerst in Breda en later in ’s-Hertogenbosch, en werd uiteindelijk ook actief in het bestuur. Een voorvader werd in 1829 in de Nederlandse adel verheven en kreeg in 1841 de titel van baron bij eerstgeboorte en de overige nakomelingen kregen het predicaat jonkheer/jonkvrouwe (een tweede, jongere tak van de familie kreeg in  1842 ook de titel van baron bij eerstgeboorte). In 1840 kwam de familie in het bezit van de heerlijkheid Kessel en sindsdien maakt deze naam deel uit van de familienaam. Haar echtgenoot kende zij uit haar nabije familieomgeving, want zijn vader was als weduwnaar hertrouwd met een zuster van haar moeder.

Slotje, Huis het
Afb. 2. Huis ’t Slotje in Neerbosch bij Nijmegen van 1906-1973 in het bezit van de familie Van Rijckevorsel van Kessel, foto door Hoogerhuyze op www.rijksmonumenten.nl

Na hun huwelijk gingen zij op huis ’t Slotje in Neerbosch wonen, dat in Nijmegen ‘Het slotje van de baron’ werd genoemd. Dit was de ouderlijke woning van haar echtgenoot. De kasteelachtige villa was in de jaren 1907-1908 gebouwd als buitenverblijf voor de grootvader van haar echtgenoot en bezat historiserende kenmerken als steunberen, kantelen en hoektorentjes met waterspuwers. Boven de entree was het alliantiewapen van de grootouders Van Rijckevorsel van Kessel-Van Nispen tot Pannerden aangebracht. Gezamenlijk met haar schoonouders, schoonzusje en zwager bewoonden zij en haar echtgenoot dit huis. Haar echtgenoot was in deze jaren werkzaam als employé op het kantoor Nijmegen van de Twentsche Bank N.V. Samen kregen zij een dochter en een zoon.

Nadat haar echtgenoot directeur van de Twentsche Bank N.V. in ’s-Gravenhage was geworden, verhuisde het gezin eerst hierheen en later naar Wassenaar. In de jaren die volgden, werd hij directeur van de Algemene Bank Nederland N.V. in het district ’s-Gravenhage, secretaris voor de Geld- en Effectenhandel in ’s-Gravenhage en omgeving en bestuurslid van de Stichting Historisch Museum der Koninklijke Marechaussee in Buren. In 1973 kwam haar schoonvader te overlijden en haar echtgenoot werd vervolgens de nieuwe ‘chef de famille’ van de Van Rijckevorsels en volgde zijn vader op als 7e baron. Vanwege zijn vele verdiensten behaagde het H.M. de Koningin om hem te benoemen tot Officier in de Orde van Oranje-Nassau. Op 8 oktober 2011 kwam haar echtgenoot in ’s-Gravenhage te overlijden en hij werd bijgezet in het familiegraf in Neerbosch. Hun enige zoon volgde zijn vader op als familiehoofd en werd de 8e baron.

Na het overlijden van haar echtgenoot bleef zij in Wassenaar wonen, waarbij velen haar de laatste jaren hulpvaardig tot steun waren. Nadat intensieve zorg noodzakelijk werd, vond zij deze in de laatste weken in het Hospice Wassenaar. Op 9 februari 2016 kwam zij te overlijden: “Altijd belangstellend. Bedroefd maar dankbaar voor haar lange leven geven wij kennis van het overlijden van onze dierbare moeder, schoonmoeder, grootmama en overgrootmoeder Huberta Maria Koster – Betty – echtgenote van E.M. Baron van Rijckevorsel van Kessel † 2011”. Huberta Maria barones van Rijckevorsel van Kessel née Koster werd zesennegentig jaar en wordt diep betreurd door haar dochter, zoon, schoonzoon, twee kleinkinderen, vier achterkleinkinderen en verdere familieleden. De uitvaartplechtigheid vond in besloten kring plaats en de bijzetting volgde in het familiegraf in Neerbosch, waar zij herenigd werd met haar echtgenoot.

Link naar meer informatie over huis ’t Slotje in Neerbosch: http://rijksmonumenten.nl/monument/523037/het-slotje/nijmegen/

Beëdiging Huzaren van Boreel in aanwezigheid van… Boreel

Boreel b
Afb. 1. De Huzaren van Boreel in groot tenue, foto met dank aan www.boreeldeventer.nl

Vorige week donderdag was het Regiment Huzaren van Boreel, dat vernoemd is naar jonkheer Willem François Boreel (1775-1851), weer even terug in Deventer op het Boreelplein bij de Boreel Kazerne. Deze kazerne is sinds midden jaren ’90 niet meer in gebruik, maar voor de beëdiging van 20 officieren en manschappen werd er voor deze historische locatie gekozen en was er groot ceremonieel vertoon. De eedsaflegging met de hand op de standaard van de Huzaren van Boreel vond plaats in aanwezigheid van de kapitein-luitenant ter zee arts jonkheer J.J. (Jaap) Boreel, die de familie al jaren vertegenwoordigd bij bijzondere gelegenheden van het Regiment Huzaren van Boreel. Hij stamt uit een jongere tak van de familie Boreel en deelt met Willem François een gemeenschappelijke 18e eeuwse voorvader.

Boreel, J.J.
Afb. 2. Links vooraan: kapitein-luitenant ter zee jonkheer J.J. (Jaap) Boreel, foto met dank aan Dennis Boom

Boreel a
Afb. 3. De eedsaflegging op het Boreelplein voor de Boreel Kazerne in Deventer, foto met dank aan www.boreeldeventer.nl

Foto 1 en 3 met dank aan www.boreeldeventer.nl