Adel op tv

a18

Voor het programma ‘Arm in Nederland? Eigen schuld!’ van de EO werden vijf mensen met uiteenlopende opvattingen hierover op ontdekkingsreis gestuurd. Eén van hen is de 21-jarige Zita gravin Schimmelpenninck, die studente verpleegkunde is. In deze aflevering maakt zij kennis met de voedselbank en een alleenstaande moeder, waarover zij zegt: “Naar omstandigheden maakt Sascha er echt iets fantastisch van, voor zover het kan. Je merkt echt dat ze het gewoon wel echt moeilijk heeft, maar ze doet echt vét hard haar best. Inderdaad, ik weet het, ik word er heel vrolijk van.” Link naar de aflevering van maandag 18 januari online: http://www.npo.nl/artikelen/arm-in-nederland-eigen-schuld

Boekennieuws en -recensie: ‘Verhalen over landgoed Hackfort’

a17

Bij Uitgeverij Blauwdruk verscheen onlangs dit geweldige boek, waarin door middel van interviews met (voormalige) bewoners van huis en landgoed Hackfort en bekenden van de familie de geschiedenis is opgetekend van de baronnen Van Westerholt en hun landgoed. De laatste Van Westerholt overleed in 1981, waarmee dit geslacht in wettige lijn uitstierf, maar mogelijk leven de Van Westerholts voort, want ‘Er werd gefluisterd dat de baron bij een van de vrouwen op het landgoed een kind had verwekt’ (p. 163) en de vaak genoemde aversie van de laatste baron tegen vrouwen viel dus wel mee. Ook mr. D. Zeno baron van Dorth tot Medler, één van de geïnterviewden, heeft het over ‘een hele vriendschappelijke relatie met de waardin van het restaurant’ (p. 64).

Jonkheer Diederik J.A.A. van Lawick van Pabst, voorzitter Stichting Hackfortfonds, vertelt hoe uiterst eenvoudig de laatste Van Westerholts leefden, zonder stromend water of electriciteit (p. 107). De inboedel was niet bepaald indrukwekkend en de laatste barones, freule Sannie, had bepaald dat na haar dood alles verkocht moest worden. Dankzij jonkheer Van Pabst bleven de portretten behouden en werden deze in het Stedelijk Museum in Zutphen ondergebracht (p. 109). Tegelijkertijd lag er jarenlang een zilverschat in de kelder verborgen, die pas na de dood van de laatste freule bekend werd, dankzij de oude huishoudster (p. 50).

De interviews vertellen het verhaal over het verschil in rang en stand tussen de pachtboeren en de Van Westerholts, maar ook over hun onderlinge verbondenheid en de zorg van de kasteelbewoners voor zieken en gehandicapten. Overigens werd dat verschil in rang en stand ook tussen de pachtboeren onderling gevoeld, want ‘Als dochter van een grote boer werd verwacht dat je met de zoon van een grote boer zou trouwen’ (p. 91). Een bekende anekdote over het standsbewustzijn van de Van Westerholts, die in dit boek ook terugkomt, is die over freule Clara, die beneden haar stand trouwde en van barones ineens mevrouw Loos werd, maar zelf reageerde ze hierop laconiek met: beter Vrouw Loos dan man loos! (p. 153).

Contacten met de buren op de omringende landgoederen waren er vooral tijdens de jacht, maar mr. Arend baron van Westerholt was ook de oprichter van de Buitensociëteit, een club van landgoedeigenaren uit de Graafschap en de Liemers, die tot op de dag van vandaag vier keer per jaar bijeenkomt om hun zorgen en moeilijkheden als landgoedeigenaren te bespreken (p. 59). Opvallend in het boek is de kritiek op Natuurmonumenten. Zo verhaalt J.D. Carel baron van Heeckeren van Kell hoe zijn vader er bij herhaling op aandrong dat de Van Westerholts hun landgoed niet aan Natuurmonumenten zou nalaten: “Arend, verdomme nog an toe, jij hoort tot de Gelderse adel. Als je het schenken wilt, dan aan het Geldersch Landschap” (p. 79). Ook andere geïnterviewden zijn kritisch en ervaren een groot verschil in beleid, ook al zijn er daarnaast ook positieve reacties over bv. het verbeterde onderhoud (p.51).

Al eerder verscheen bij Uitgeverij Blauwdruk ‘Verhalen over landgoederen en buitenplaatsen in Gelderland’, waarin op dezelfde boeiende wijze de geschiedenis van landgoederen en bewoners werd opgetekend. Dit deel gaat alleen over Hackfort en het valt te hopen dat er nog meer afzonderlijke delen over andere kastelen en buitenplaatsen zullen volgen, want dit boek bevat zeer waardevolle informatie over de immatriële cultuur van het landgoedleven uit een voorbije periode, die eigenlijk nog maar zo kort geleden is.

Op de foto uit omstreeks 1905 de laatste generatie Van Westerholts op Hackfort. Van links naar rechts: freule Emma (1893-1971), freule Clara (1895-1974), baron Arend (1898-1970), freule Sannie (1901-1981) en freule Zus (1894-1964).

Link naar ‘Verhalen over landgoed Hackfort’ met bestelmogelijkheid: http://www.uitgeverijblauwdruk.nl/boeken/nieuw/verhalen-over-landgoed-hackfort/verhalen-over-landgoed-hackfort/

Link naar ‘Verhalen over landgoederen en buitenplaatsen in Gelderland’ met bestelmogelijkheid: http://www.uitgeverijblauwdruk.nl/page/347/landgoederen-en-buitenplaatsen.html

 

 

Overleden mr. F.J.P.M. baron van Hövell tot Westervlier en Wezeveld

a16

Overleden Mr. Frans Jozef Pieter Marie baron van Hövell tot Westervlier en Wezeveld, geboren Vught 23 maart 1950, overleden Breda 7 januari 2016.

In Memoriam
Zelf schreef hij zijn naam altijd als ‘Van Hövell tot Westerflier’ en toen ik hem daar eens naar vroeg, schudde hij licht geërgerd zijn hoofd en verzuchtte dat hij de naam veel te lang vond en bovendien onjuist, want de naam van het huis in Diepenheim was immers Westerflier en niet Westervlier. Frans Jozef Pieter Marie werd geboren op 23 maart 1950 te Vught als baron van Hövell tot Westerflier, maar zijn vader vroeg twaalf jaar later samen met andere familieleden naamsverbetering aan en op 24 oktober 1962 werd deze gewijzigd in Van Hövell tot Westervlier en Wezeveld.

Zijn vader, mr. Arnold Marie Jozef baron van Hövell tot Westervlier en Wezeveld, was een telg uit een oudadellijk Overijssels geslacht, waarvan de stamvader in 1374 voor het eerst vermeld werd met de naam Rolof van Hovele. Eeuwenlang bekleedden zijn voorouders bestuurlijk functies, beheerden zij hun bezittingen en werden verschreven in de Ridderschap van Overijssel, totdat hen hier de toegang tot geweigerd werd, omdat zij na de Reformatie de moederkerk trouw bleven. De havezate Westerflier kwam door het huwelijk begin 17e eeuw met de erfdochter Elisabeth van Heerdt tot Westerflier in de familie, maar werd in 1719 verkocht. Het Wezeveld werd in 1705 door koop familiebezit en bleef dit vervolgens eeuwenlang. In 1815 werd een voorvader wederom benoemd in de Ridderschap van Overijssel en vijf jaar later werd de titel van baron voor de familie erkend.

Zijn moeder, jonkvrouwe Walburga Antonia Maria von Fisenne, stamde uit een oud Luiks geslacht van hoge ambtenaren, waarvan de stamvader omstreeks 1480 geboren werd. In 1701 werd een voorvader door Keizer Leopold I erkend in de H.R. Rijksadelstand en in 1866 werd haar grootvader ingelijfd in de Nederlandse adel met het predikaat van jonkheer.

Hij groeide op in Vught met twee oudere zusjes en een oudere broer en vier jaar na hem werd er nog een zusje geboren. Zijn vader was rechter in de Arrondissementsrechtbank te ’s-Hertogenbosch en werd hiervan later vicepresident. Ook was hij jarenlang lid van de Hoge Raad van Adel.

Na zijn middelbare schoolopleiding voltooid te hebben, ging hij rechten studeren in Leiden en werd vervolgens eerst gemeenteambtenaar in Bemmel en later advocaat en procureur in Nijmegen, waarvan de laatste jaren in Breda. Met zijn juridische kennis was hij het NKS Kenniscentrum voor Kasteel en Buitenplaats tot grote steun en als vrijwilliger ondersteunde hij de directie bij het schrijven van bezwaar- en beroepschriften, waardoor meerdere keren aantasting van een buitenplaats of een bedreigd kasteel voorkomen kon worden. Eén van de hoogtepunten was de kasteelplaats van de Stoutenburg die zo behouden kon worden. Om de doelstellingen van de NKS ook na zijn overlijden te kunnen blijven ondersteunen, werd deze door hem bedacht met een zeer gewaardeerd legaat.

In de loop der jaren werd zijn belangstelling voor de beeldende kunst en museologie steeds groter en hiervoor ging hij zelfs terug in de collegebanken. Daarnaast had de adelsgeschiedenis zijn grote interesse en was hij jarenlang een trouw deelnemer aan excursies en symposia van de Stichting Werkgroep Adelsgeschiedenis, waar hij steeds een zeer geïnteresseerde gesprekspartner was over wat er op deze dagen verteld werd. De laatste jaren was daarbij ook AiN onderwerp van gesprek tussen ons beiden, waarbij hij waardevolle adviezen gaf. Ook zijn familiegeschiedenis kon rekenen op zijn grote belangstelling en met veel genoegen vertelde hij dat de familiedag het afgelopen jaar op historische grond plaatsvond: de havezate Westerflier in Diepenheim.

Op 7 januari 2016 kwam hij onverwachts te overlijden: “Verdrietig geven wij kennis van het plotselinge overlijden van onze lieve broer, zwager, oom en oud-oom Mr. Frans Jozef Pieter Marie baron van Hövell tot Westervlier en Wezeveld.” Baron Van Hövell werd vijfenzestig jaar en wordt diep betreurd door zijn zusjes, broer, schoonzusje, neven, nichtjes en verdere familieleden die “… hem zullen blijven herinneren als iemand die zich altijd betrokken voelde bij onze gezinnen.”

De plechtige uitvaart vond plaats op vrijdag 15 januari in de kerk O.L.V. ten Hemelopneming te Joppe, waarvan de eerste steen in 1866 gelegd werd door zijn overgrootvader Van Hövell, die ook de bouw financierde en die op het nabijgelegen Huis Joppe woonde. Aansluitend vond de bijzetting plaats op het kerkhof waar zovelen van zijn familieleden rusten en dat gedomineerd wordt door de familiegrafkelder van zijn overgrootouders Van Hövell-Boreel de Mauregnault, waarboven zich een obelisk verheft als symbool van standvastigheid en deugd.

Gebruikte bronnen o.a.: meerdere jaargangen van het Nederland’s Adelsboek en ‘Kasteel & Buitenplaats’ september 2016, jaargang 18, nr. 54.

Veilingnieuws: de collectie van mr. Hendrik Ernst Smidt van Gelder (1923-2011) en Margaretha Rhoda Smidt van Gelder née barones van Zuylen van Nijevelt (1925-1999)

a12a14

Al jaren zijn thema-veilingen waarop stukken met een adellijke of zelfs vorstelijke herkomst worden geveild zeer succesvol. De herkomst van de ingebrachte opbjecten geeft voor velen een toegevoegde waarde en deze veilingen zijn steeds succesvol. Op dinsdag 19 januari vindt er bij Sotheby’s in Londen weer een grote veiling plaats onder de naam ‘Of Royal and Noble Descent’, waarbij o.a. de kostbare verzameling van het echtpaar Smidt van Gelder née barones Van Zuylen van Nijevelt geveild gaat worden.

De familie Smidt van Gelder is een patriciaatsfamilie die in het blauwe boekje van het Nederland’s Patriciaat is terug te vinden en de familie verwierf grote bekendheid door hun Koninklijke Papierfabriek Van Gelder Zonen N.V., waarvan de heer Smidt van Gelder jarenlang directeur was. Het echtpaar woonde in Aerdenhout en verzamelde zilver, porselein en antiek. Hun collectie zilver was zó groot, dat er een standaardwerk over Nederlands zilver over geschreven kon worden. In het afgelopen jaar doken er al meer spullen uit hun bezit op veilingen op (AiN berichtte reeds over tafelzilver en portretten). Op deze veiling betreft het de lotnummers 297-403 uit hun nalatenschap, waarbij vooral het vele zilver opvalt.

Link vanaf lotnummer 297: http://www.sothebys.com/en/auctions/ecatalogue/2016/of-royal-and-noble-descent-l16306/lot.297.html

Binnen kijken op Biljoen: het laatste bal op Biljoen

a15

‘Gelders Arcadië’ heeft een geweldige gratis app ontwikkeld, waarmee je kunt binnen kijken op kasteel Biljoen. In dit filmpje heeft de heer Goswin Lüps, broer van de laatste bewoner, het over de laatste keer dat de grote kroonluchter in de balzaal met meer dan honderd kaarsen brandde. Dit was ter gelegenheid van het huwelijksfeest in 1959 van zijn broer mr. Johan Hendrik Willem Lüps (1930-2006) en jonkvrouwe Albertine Marie Isabelle Jeanne de Blocq van Scheltinga (1928-2006).

In de krant kon men toen lezen over de aanwezigheid van ‘de bloem van de Nederlandse adel’ op het bal: “SPROOKJESACHTIG Op het mooie kasteel Biljoen van de familie Lüps dat gelegen is in de luisterrijke omgeving van Velp is zaterdagavond een feest gehouden als voorteken van het huwelijk tussen mr. JOHAN H.W. LÜPS (28) en jonkvrouwe ALBERTINE M.I.J. de BLOCQ VAN SCHELTINGA (31). De bloem van de Nederlandse adel en van de advocatuur was in dit sprookjesachtige kasteel, dat vier torens heeft en midden in een vijver ligt, bij elkaar gekomen om aanwezig te zijn bij de afkondiging door de ouders van dit voorgenomen huwelijk. In de stijlvol verlichte historische Italiaanse zaal (zo genoemd vertelde de bruidegom mij, omdat zij door vier Italiaanse beeldhouwers gemaakt is, die daar ruim een jaar mee bezig zijn geweest) waar het bal gehouden werd, was het erg gezellig. GROTE VERRASSING DE BRUID (dochter van jhr. M. DE BLOCQ VAN SCHELTINGA, de vroegere bezitter van het Oranjewoud in Friesland) is schilderes. Zij heeft haar opleiding gedeeltelijk in Parijs gekregen en is aan de Haagse Academie voor beeldende kunsten afgestudeerd. Behalve de ouders van de ouders van de bruidegom, de heer en mevrouw G.E. LÜPS en de vader van de bruid waren aanwezig een zuster van haar, jonkvrouwe I.J. DE BLOCQ VAN SCHELTINGA, de getuigen bij het huwelijk dat op 18 april voltrokken zal worden op kasteel Biljoen: mr. O. TER HAAR en jonkheer J.W. BEELAERTS VAN BLOKLAND, een broer van de bruidegom de heer G.A. LÜPS, C.G. baron en barones VAN BOETZELAER, mr. H.J. van LEEUWEN met zijn vrouw, jhr. mr. J.W. WITSEN ELIAS, mr. G.A. baron VAN RANDWIJCK en als eregasten mag ik wel noemen de twee dochters van de Franse consul-generaal in Amsterdam. De heer en mevrouw Lüps zullen na hun huwelijk in Amsterdam gaan wonen. Waar de huwelijksreis heen ging kon de heer Lüps mij nog niet vertellen. “Dat is nog een grote verrassing”, vertelde hij mij. “Evenals dit feest, waar ik van tevoren niets van wist, omdat het helemaal door mijn ouders is georganiseerd.”

Link naar het filmpje: https://www.youtube.com/watch?v=vzBQKR5tPJc Of volg Erfgoed Rheden op: www.facebook.com/ErfgoedRheden

Overleden J. barones van der Feltz née van Es

a11

Jacobine barones van der Feltz née van Es, geboren Rotterdam 3 maart 1926, overleden Zwolle 2 januari 2016.

In Memoriam
Jacobine van Es werd geboren op 3 maart 1926 te Rotterdam. Haar vader, Marius Laurentius van Es, stamde uit een familie van Rotterdamse groothandelaren en ondernemers. Haar moeder, Adriane Jacobine Pit, was een telg uit de patriciaatsfamilie Pit, die terug te vinden is in het blauwe boekje van het Nederland’s Patriciaat. Zij groeide op in Rotterdam met een jonger zusje en broertje aan het Westplein nr. 13, tot het gezin naar Wassenaar verhuisde. Haar vader was werkzaam als tabakshandelaar en werd lid van de Fa. G.L.M. van Es & Zn te Rotterdam.

Op 8 september 1951 trad zij in Wassenaar in het huwelijk met mr. Robert Samuel Napier baron van der Feltz, die uit een van oorsprong Luxemburgse familie stamde, waarvan de eerste voorvader in 1368 vermeld werd. Een voorvader van hem kwam in de 17e eeuw als officier in Statendienst naar Nederland en in 1867 werd een andere voorvader in de Nederlandse adel ingelijfd met de titel van baron. Zijn voornaam Napier dankte hij aan zijn Britse moeder Napier. Het was niet het enige huwelijk in de familie met iemand uit het rode boekje, want zo huwde haar zusje in latere jaren een jonkheer De Blocq van Scheltinga.

Haar echtgenoot was na zijn studie rechten in Leiden voltooid te hebben in dienst getreden van Buitenlandse zaken en in 1947 was hij gezantschaps-attaché bij de permanente Vertegenwoordiging van Nederland bij de Verenigde Naties in New York, waar hij in datzelfde jaar als secretaris van de delegatie op de tweede Algemene Vergadering fungeerde. Na hun huwelijk werd hij 2e gezantschapssecretaris op de ambassade in Kopenhagen. Inmiddels was hun eerste kind, een dochter, geboren en in Kopenhagen volgde een zoon. Nadien volgde de benoeming tot 1e ambassadesecretaris in Londen en tot ambassaderaad en hoofd van de Consulaire afdeling in Stockholm. In 1965 werd haar echtgenoot benoemd tot officier in de Orde van Oranje-Nassau. Na een tussenstop als sous-chef directie Europa op het ministerie van Buitenlandse zaken in ’s-Gravenhage, volgde in 1969 de benoeming tot buitengewoon en gevolmachtigd ambassadeur in Khartoum, maar in datzelfde jaar besloten zij uiteen te gaan en vestigde zij zich in Wassenaar. Hier huwden in de jaren erna haar dochter en zoon en werd zij grootmoeder en overgrootmoeder.

Op 2 januari 2016 kwam zij te overlijden te Zwolle: “Verdrietig namen wij afscheid van onze lieve, zorgzame en sterke moeder, schoonmoeder, grootmoeder, overgrootmoeder en mijn zuster Jacobine baronesse van der Feltz-van Es.” Barones Van der Feltz werd negenentachtig jaar en wordt diep betreurd door haar zoon, dochter, schoonzoon, schoondochter, zes kleinkinderen, acht achterkleinkinderen, zusje en verdere familieleden. Op uitdrukkelijke wens van de overledene heeft de bijzetting in stilte plaatsgevonden.

Op de foto het familiewapen Van der Feltz en Westplein nr. 13 in Rotterdam, waar zij haar jeugdjaren doorbracht, voor het gezin naar Wassenaar verhuisde.

De kleine Graaf op Twickel

a10

De kleine Graaf op Twickel: vorig jaar werd voor het eerst sinds 1692 weer een telg uit de bewonersfamilie op kasteel Twickel geboren. De jonggeborene stamt uit het geslacht Zu Castell-Rüdenhausen, waarvan de ‘chef de famille’ de titel van ‘Fürst’ voert en de overige leden Graaf/Gravin zijn. De Castell familiebank geeft een nieuwsbrief uit, ‘Casteller Nachrichten’, waarin over deze geboorte onlangs bericht werd met een foto.

Link naar deze nieuwsbrief, waaruit bijgevoegde afbeelding afkomstig is: https://www.castell-bank.de/content/dam/g0718-0/Dokumente/casteller_nachrichten/Casteller_Nachrichten_45_2015.pdf

Tip over de nieuwe ‘Casteller Nachrichten’ met dank aan www.nobiliana.de

 

Lekker lezen over kastelen en buitenplaatsen in ‘Monumentaal’

a9

In de nieuwe ‘Monumentaal’ staat weer veel op adellijk gebied. Zo is er een mooi artikel over buitens tussen ’s-Gravenhage en Haarlem en een artikel over kasteel Endegeest. Endegeest was eeuwenlang het adellijke onderkomen van geslachten als Van der Ryt, Van Gronsfeld Diepenbroeck en Gevers van Endegeest (de portretten van bewoners uit laatstgenoemde familie doken onlangs op een veiling op – AiN berichtte hierover) en werd uiteindelijk een instelling voor de geestelijke gezondheidszorg. Thans staat het leeg en zoekt men een nieuwe bestemming. Lezenswaardig is ook het artikel over begraafplaatsen met op p. 68 een foto van de zeer fraaie graftombe van baron en barones Van Verschuer née Brants en hun jonggestorven zoontje.

‘Monumentaal’ ligt nu in de winkel en kost €4,95.

 

Boekennieuws en -recensie: ‘De Amerikaanse prinses’ door Annejet van der Zijl

a8

Vijf keer huwde de Amerikaanse Allene Tew, waarvan de laatste keren met een Duitse Prins en een Russische Graaf. Ze kreeg kinderen en verloor deze ook weer op tragische wijze, maakte fortuin, verloor miljoenen en stierf uiteindelijk weer schatrijk. Ondanks twee scheidingen en een onrustig leven, verwierf ze aanzien in Koninklijke kringen en werd peetmoeder van H.K.H. Prinses Beatrix. Kortom: alle ingrediënten voor een kleurrijk levensverhaal, dat met veel gevoel voor drama (soms iets teveel drama in de woordkeuze naar mijn smaak, p. 166 ‘afgeslacht’, ‘vele, vaak vernederende scènes’, p. 158; welke?) werd geschreven door Annejet van der Zijl.

Het verhaal van deze Amerikaanse dollarprinses staat niet op zichzelf. Aan het einde van de 19e eeuw kwam een hele stroom dollars door middel van huwelijken op gang over de Atlantische Oceaan naar Europa van rijke erfdochters met Europese adel. Omgerekend naar nu hebben we het dan over honderden miljoenen dollars. Consuelo Vanderbilt, die in 1895 de 9e Hertog van Marlborough huwde, voerde de geldlijst aan en bracht 15 miljoen dollar in – nu zo’n 495 miljoen dollar. Als start voor een ware hausse in deze geldhuwelijken wordt het huwelijk van Jennie Jerome in 1874 met Lord Randolph Churchill weleens gezien. Zij zouden de ouders worden van de staatsman Sir Winston Churchill.

Allene Tew had zeker niet in 1929 ‘als een van de eerste Amerikaansen ooit de prinsessentitel mogen voeren’ (p. 139): zo trouwde de Amerikaanse Elisabeth Patterson in 1803 met Jérôme Bonaparte, de broer van Keizer Napoleon en zelf in de jaren 1807-1813 Koning van Westfalen, in 1885 trad Evelyn-Julie Bryant Mackay in het huwelijk met de Italiaanse Ferdinand Colonna Prins di Stigliano, in 1893 huwde Winaretta Eugénie Singer (naaimachine-erfgename) de Franse Prins Edmond de Polignac na eerst in 1887 met de Franse Prins Louis de Scey-Montbéliard gehuwd geweest te zijn, in 1894 huwde Susan Tucker Whittier de Russische Prins Sergei Belosselsky-Belozersky, in 1908 huwde Anna Gould met de Franse Hélie Prins van Sagan, die twee jaar later zijn vader als Hertog van Talleyrand & Sagan zou opvolgen, en in 1909 huwde de Italiaanse Prinses Marina Torlonia de Amerikaan Francis Shields en werd daardoor een Amerikaanse Prinses (en grootmoeder van de actrice Brooke Shields). Overigens vonden Amerikaanse dollars ook hun weg naar de Nederlandse huwelijksmarkt en nakomelingen van de vermogende Astors huwden een Nederlandse jonkheer en een ridder.

Het adellijke gebruik van een kroon op bv. briefpapier heeft de schrijfster niet helemaal begrepen, want na haar scheiding van de Duitse Prins Reuss kon Allene Tew dankzij haar huwelijk met de Russische Graaf Kotzebue nog steeds een kroon gebruiken; weliswaar geen prinsenkroon meer, maar wel de rangkroon van een graaf (p. 192). Ronduit onzin is de opmerking over ‘een voor de gelegenheid door een oom gefabriceerde troosttitels’ (p.175) voor Prins Bernhard en zijn broer en moeder: waren zij aanvankelijk Graaf/Gravin, in 1916 werden zij als Prins/Prinses met het predikaat Doorluchtige Hoogheid gelijkwaardig aan de rest van de Vorstelijke familie Zur Lippe en dienovereenkomstig opgenomen in het eerste deel van de Almanach de Gotha, waarin de regerende families staan.

Ondanks deze schoonheidsfoutjes: een meeslepend verhaal en een aanrader om te lezen. Link naar meer informatie en bestelmogelijkheid: http://www.annejetvanderzijl.com/boeken/de-amerikaanse-prinses/

Filmpje Mitternachtsquadrille Wiener Ball 2015

https://www.youtube.com/watch?v=et1Hivtl-5U. Over één maand op zaterdag 6 februari 2016 wordt in Noordwijk aan Zee voor de 48e keer het Wiener Ball georganiseerd, waarvoor de kaartverkoop onlangs via www.wienerball.nl gestart is. Traditiegetrouw zal de openingsdans van het bal door de debutanten worden uitgevoerd, maar ook dit jaar is er voor alle aanwezige gasten de traditionele Mitternachtsquadrille, die onder leiding zal zijn van Heinz Heidenreich, dansmeester van de Weense Staatsoper. In het filmpje kunt u terugzien hoe deze Mitternachtsquadrille op 7 februari van het afgelopen jaar er uitzag.

In de afgelopen weken zijn 64 debutanten al aan het oefenen geweest met danslessen voor hun debuut, waarbij de jongedames in het wit met diadeem in het haar zullen verschijnen en de jongeheren in rok of uniform. Dit jaar debuteren er telgen uit de volgende adellijke geslachten: Filz von Reiterdank, Alting von Geusau, Van Heemstra, Van Rechteren Limpurg, De Vos van Steenwijk, Laman Trip en Van Voorst tot Voorst. Wilt u ook deel uitmaken van deze bruisende avond in de Weense traditie, waarop 800-1000 gasten verwacht worden en waarbij de dames in het lang en de heren in smoking, rok of uniform met hun onderscheidingen zullen verschijnen? Kijk dan op de webpagina www.wienerball.nl. AiN is ook dit jaar weer aanwezig en doet in februari uitgebreid verslag voor u.

Afgelopen zaterdag stond er in het Stan Huygens Journaal in De Telegraaf een uitgebreid artikel over het Wiener Ball met foto’s van onder meer twee van de bestuursleden van de stichting: Claudia barones van Harinxma thoe Slooten en jonkheer Alfred Filz von Reiterdank. Link naar het artikel: http://www.telegraaf.nl/stanhuygens/24938682/__Uitkijken_naar_Weens_bal__.html