Boekennieuws: Den Aalshorst. Levensverhaal van een landgoed, door Jan ten Hove

Afb. 1. Den Aalshorst met op het voorplein fier wapperend de familievlag van de Van Dedems.

Vanmiddag vond de online boekpresentatie plaats in aanwezigheid van velen, die nauw met Den Aalshorst verbonden zijn, van het boek Den Aalshorst. Levensverhaal van een landgoed, dat door Jan ten Hove werd geschreven in opdracht van Landgoed Den Aalshorst B.V. Aanleiding was de bouw 300 jaar geleden van het nu nog bestaande huis Den Aalshorst. Het eerste exemplaar werd aangeboden aan Claartje barones Sloet van Oldruitenborgh, die de oudste aandeelhoudster is.

Het boek is een vuistdik boek geworden boordevol informatie op detailniveau, maar ook in een ruimere context die het huis en zijn bewoners plaatsen in hun tijd. Een boek dat heel prettig leesbaar is door de schrijfstijl en de talrijke anekdotes, en dat visueel aantrekkelijk is vormgegeven door Frank de Wit met fantastische foto’s van Frank Brinkman en Joost Lensink.

Het boek vertelt het verhaal van het ontstaan van het huis, de tuinen en het landgoed, maar ook het verhaal van de eigenaren, de pachters en het personeel, omdat zij ‘de historie van Den Aalshorst samen hebben gevormd’, aldus de auteur Jan ten Hove. Het boek biedt ook een bijzondere inkijk in het beheer van het landgoed in de afgelopen decennia en de problemen waarmee men te maken kreeg.

Afb. 2. Zicht op het huis Den Aalshorst met op de voorgrond het Grand Canal, dat in de 19e eeuw in landschappelijke stijl vergraven werd.

De eerste eigenaren: het regentengeslacht Vriesen
In 1720 bouwde de Zwolse burgemeester Jacob Vriesen (1684-1760), telg uit een vooraanstaand Zwolse regentengeslacht, hier een classicistisch landhuis. Het was de opvolger van een huis dat hier door zijn grootvader Jacob Vriesen (ca. 1612-1684) in 1644 was gebouwd. Het geslacht Vriesen zou eigenaar blijven van het huis en het omvangrijke landgoed van 450 hectare tot in 1808 de laatste nakomelinge overleed.

Het echtpaar Feith-Van Dedem
Na een kort intermezzo met Hendrik van Kempen als eigenaar, werd in 1823 mr. Louis Rhijnvis Feith (1783-1845), zoon van de bekende schrijver en dichter Rhijnvis Feith, eigenaar samen met zijn echtgenote Johanna Theodora barones van Dedem (1790-1878). Zij was afkomstig van de dichtbij gelegen havezate Den Berg. Hierdoor ontstond de band van Den Aalshorst met het geslacht Van Dedem en dit is de tweede familie die voor het huis van groot belang is geweest. Kocht dit echtpaar in 1823 het huis met ongeveer dertig hectare grond – de rest was door verkoop versnipperd geraakt – na hun overlijden was het weer een landgoed met een omvang van ruim 125 hectare.

Afb. 3. Het Grand Canal met een doorkijkje naar de omliggende weilanden.

Het echtpaar Van Dedem-Westra
Het echtpaar Godert Willem baron van Dedem (1840-1911) en Eva Roelina Westra (1842-1932), opvolger van het echtpaar Feith-Van Dedem, breidde het landgoed uit tot 480 hectare. Zij brachten, heel modern voor hun tijd, hun bezit onder in de ‘Maatschappij tot exploitatie van het landgoed den Aalshorst en aangehorigheden’. Deze familieonderneming bestaat nog steeds met circa 45 aandeelhouders en draagt zorg voor de continuïteit en in instandhouding van een onbekende parel in het Overijsselse landschap, die van groot belang is door het zeldzaam gaaf en compleet bewaard gebleven ensemble van huis, tuinen en landgoed. Het bezit is inmiddels uitgebreid tot 521 hectare, waarmee het landgoed in de Top Tien van grootste landgoederen in Overijssel staat.

Den Aalshorst is van oorsprong een klassieke buitenplaats: de geneugten van het landelijk leven in een fraai buitenhuis werden hier gecombineerd met zaken die passend werden geacht voor een leven op stand: jagen, lezen, musiceren, wandelen en het onderhouden van sociale contacten met de buren – waarbij dit vanzelfsprekend wel buren waren met een vergelijkbare levensstijl. Den Aalshorst onderscheidde zich echter van vele buitenplaatsen door het forse landbezit, dat niet alleen groot aanzien en politiek sociale invloed gaf, maar natuurlijk ook zorgde voor een inkomen. Naast de oude havezaten van de riddermatige Overijsselse adel ontstonden er rondom Dalfsen vele buitenplaatsen van aanzienlijke Zwolse geslachten en Den Aalshorst was hiervan één van de eerste.

Van buitenplaats tot stamhuis
Den Aalshorst maakte ook op ander gebied een bijzondere ontwikkeling door: het begon als buitenplaats onder de niet-adellijke familie Vriesen, maar tijdens het echtpaar Van Dedem-Westra transformeerde het tot een adellijk stamhuis, dat bijdroeg aan het aanzien van deze tak van het geslacht Van Dedem. Als jongste zoon van de nabij gelegen havezate Den Berg, dat sinds 1703 het stamhuis van de Van Dedems is, had Godert Willem zelf geen zicht op een adellijk huis en landgoed, maar Den Aalshorst voorzag hierin. Het was weliswaar geen historische havezate, maar het had wel deze allure met zijn herenhuis, twee bouwhuizen en grand canal.

Afb. 4. De toegangspoort – entree naar een onbekende parel in het Overijsselse landschap.

Kasteel de Aalshorst
Het grondbezit werd door aankopen uitgebreid tot het een landgoed van grote omvang was. Het huis kreeg een historiserend interieur met onderdelen van elders, zodat het een kasteelachtige indruk wekte met hogere ouderdom. Ook de buitenkant en het voorplein werden gewijzigd, zodat het huis nog ‘harmonischer én historischer’ werd, aldus de twee zoons. De oprijlaan van het landgoed kreeg een monumentale oude toegangspoort van elders. Er kwam een eigen grafkelder voor Den Aalshorst op de begraafplaats in Dalfsen en het jachtgebied werd – naar oud gebruik – afgebakend met zandstenen palen. Dat alle wijzigingen resultaat hadden, laat het bericht in 1907 in de Overijsselsche Courant zien, waarin gesproken werd over de aankomende permanente bewoning van ‘het kasteel “de Aalshorst” door den eigenaar’.

Geheel in lijn hiermee werd de opvolging op traditionele en patriarchale wijze geregeld, waarbij de dochters werden uitgesloten en het zo Van Dedem bezit bleef. Tijden zijn inmiddels veranderd en inmiddels maken ook de vrouwelijke nakomelingen deel uit van het beheer. Dit boek laat ook weer eens zien hoe belangrijk de vrouwelijke lijn en inbreng is bij dit soort huizen. Zo bracht Jenny Feith-barones van Dedem het in de familie Van Dedem, Eva barones van Dedem-Westra bracht nieuw kapitaal mee en twee kinderen van Suze Edwards-barones van Dedem zorgde met een genereuze gift voor het voortbestaan van de bijzondere tuinen met hun unieke hoogstamboomgaard. Onder de nakomelingen in de vijfde en zesde generatie van het echtpaar Van Dedem-Westra vindt men nu nog één baron Van Dedem, terwijl het huidige aantal van 45 aandeelhouders vooral te danken is aan de vrouwelijke lijn. Hiermee is ook het draagvlak voor het voortbestaan van deze familie B.V. enorm  vergroot.

Het zien van het genealogisch overzicht achterin het boek maakt mij als lezer wel nieuwsgierig naar meer informatie over deze nakomelingen van het echtpaar Van Dedem-Westra. Leefde dit echtpaar het traditionele leven van adellijke grootgrondbezitters op het Overijsselse platteland, hun nakomelingen zijn inmiddels uitgezwermd over Nederland, Engeland en Kenya, maar hoe beleven zij hun adellijke roots nog? Wat is hun maatschappelijke positie? Iets hiervan is in enkele korte bijdragen terug te vinden. ‘Adellijke’ huwelijken zijn er tegenwoordig niet meer, maar voor genealogische liefhebbers is het smullen om te zien dat een Van Dedem nakomeling gehuwd is met de kleindochter van een Griekse prinses.

Moderne buitenplaats: vakantiehuis
Het bijzondere is, dat Den Aalshorst tegenwoordig ook weer de functie heeft waar het mee begon: het is een buitenplaats. Niemand van de vele nakomelingen van het echtpaar Van Dedem-Westra woont permanent op het huis, maar iedereen kan er van gebruik van maken om er te genieten van… de geneugten van het landelijk leven in een fraai buitenhuis.

Benieuwd geworden naar dit boek, dat absoluut een aanrader is, kijk dan voor meer informatie en bestelmogelijkheid op https://www.waanders.nl/nl/den-aalshorst.html

Afb. 5. De paden op, de lanen in: tussen de bomen door ontvouwt zich het landgoed.