
Vorig jaar was bij Editie NL een verslag te zien over een bloeiende agave (zie: Bijzonder: Gideon en Rina zien in hun voortuin een Portugese agave bloeien), die je in Nederland niet vaak ziet. Eén van de uitspraken hierover was: ‘Als het bijvoorbeeld in de Achterhoek was geweest, waar de winters veel strenger zijn, dan was dit waarschijnlijk niet gelukt.’ In 2016 plaatste AiN onderstaande verhaal al eens over een bloeiende agave op landgoed Den Bramel in Vorden in de… Achterhoek. Ongetwijfeld zullen de agaves als kuipplanten overwinterd hebben in de oranjerie, maar de bloeiende agave kwam hier in 1880 al in het nieuws.
Op Den Bramel, één van de acht kastelen van Vorden, woonde in 1880 jonkheer Imilius Frederik Storm van ’s Gravesande (1822-1891) met zijn gezin. De familie leefde op grote voet en zo werd het huis aan de achterzijde uitgebouwd, waren er reisjes en ontvangsten en was er ruim personeel aanwezig, waaronder een Zwitserse gouvernante. Op de tuin was men zeer gesteld en aan het hoofd stond ‘Baas Jäncke’ met wie niet te spotten viel en zonder wiens toestemming de kinderen Storm nog geen kersje van de boom mochten plukken – ook al gebeurde dat achter zijn rug om natuurlijk wel.

In de zomer van 1880 haalde Den Bramel de krant, omdat een vijfenzeventigjarige Agave americana daar een hoogte van ongeveer zes meter bereikt had en tot bloei was gekomen. Voor deze bijzondere gelegenheid kwam er zelfs een fotograaf naar Den Bramel om dit vast te leggen, want men was hier trots op.
Een zekere statusgevoeligheid lag hier ook wel aan ten grondslag, want een bloeiende agave kwam in die tijd niet heel vaak voor. Om de agave nog groter te doen lijken, zat de tuinman er op zijn knieën naast. Op de andere foto zien we hem geduldig voor de camera poserend met zijn gieter in de ene en een bosje bloemen in de andere hand als toonbeeld van zijn werkzaamheden.