Het portret van Jacob Boreel (1711-1778)

Afb. 1. Jacob Boreel Jansz. (1711-1778) door Jean-Baptiste Perronneau.  Foto met hartelijke dank aan en met © van de Stichting Cultuurhistorisch Fonds Boreel.

Het onderstaande verhaal stond in het digitale magazine van AiN, jaargang 2, nr. 1 – maart 2018. Dit magazine wordt per mail aan de donateurs van de stichting Adel in Nederland toegestuurd. Voor iedereen die nu thuis zit i.v.m. het coronavirus gaan wij in de komende tijd een aantal artikelen uit ons magazine gratis op onze website zetten. Dit is het zesde artikel dat wij u aanbieden.

De Stichting Cultuurhistorisch Fonds Boreel beheert het belangrijke familiearchief van de Boreels en een grote portrettenverzameling. Deze waren jarenlang voor een deel op Beeckestijn te zien, de buitenplaats die vanaf 1742 tot in 1953 familiebezit was van het geslacht Boreel. Onlangs kocht de stichting, dankzij een tip van AiN, op een veiling van Christies in Parijs een bijzonder portret aan, dat nu weer in Nederland teruggekeerd is en een goed onderkomen heeft gevonden bij deze stichting. Het betreft het portret van Jacob Boreel Jansz. (1711-1778) door de Franse pastellist Jean-Baptiste Perronneau (1715-1783).

Mr. Jacob Boreel werd geboren op 28 maart 1711 in Amsterdam. Zijn vader, Jan Jeronimus Boreel (1684-1738), stamde uit een invloedrijk regentengeslacht in Amsterdam en was onder meer schepen. Dat de familie vermogend was, bleek in 1742, toen zijn moeder, de weduwe Anna Maria Pels (1684-1776), een inkomen van 10.000 à 12.000 gulden bleek te hebben, een huis bewoonde met vijf dienstboden, een koets had en vier paarden hield.

Hij studeerde rechten in Leiden en werd in 1727, 26 jaar oud, benoemd tot kerkmeester van de Nieuwe Kerk en in de jaren die volgden, werd hij secretaris, schepen van Amsterdam, raad en advocaat fiscaal van de admiraliteit in Amsterdam, commissaris van de monstering, commissaris van het Kleinzegel en meesterknaap van de Houtvesterij van Gooiland. Zijn gloriejaren waren als minister en extraordinaris ambassadeur en plenipotentiaris: in 1759 maakte hij met de titel minister samen met twee anderen deel uit van een gezantschap naar Engeland om te onderhandelen over in beslag genomen schepen en over het oplossen van geschillen. ‘Ofschoon zij hun zending loffelijk volbrachten, konden zij niet op succes bogen’, schreef men later hierover. Een jaar nadat George III Koning van Engeland was geworden, werd hij in 1761 opnieuw naar Engeland gestuurd als extraordinaris ambassadeur om de Koning te feliciteren met zijn kroning. Als ambassadeur werd hem het voorrecht verleend om met het ‘Engelsche Koninklyke Jagt’ de oversteek te maken. De Koning verleende hem op 30 juni audiëntie, waarbij kranten schreven over ‘un accueil très gracieux.’

Zijn inkomen werd in 1742 geschat op 12.000 à 14.000 gulden en hij bleek 7 dienstboden in dienst te hebben. Naast een koets, was hij in het bezit van vier paarden. Hij bezat een groot grachtenpand in de Gouden Bocht van de Herengracht en kocht in 1742 de buitenplaats Beeckestijn onder Velsen voor 28.000 gulden; het zou tot in 1953 in het bezit van zijn nakomelingen blijven.

Uit zijn huwelijk met Agneta Margaretha Munter (1717-1761), dochter van een Amsterdamse burgemeester, kreeg hij twee dochters en twee zoons. Zijn echtgenote, ‘Mevrou de Gemalin van den Heer Boreel, Ambassadeur van hunne Hoogmogende’, overleed in 1761 tijdens zijn verblijf als ambassadeur in Engeland in Bath ‘alwaar zy de wateren was gaan gebruiken’ [kuren – schr.] en zelf overleed hij op 4 april 1778 in Amsterdam op 67-jarige leeftijd.

Bronnen & Literatuur
Nederland’s Adelsboek, jaargang 80 (1989), ’s Gravenhage, 219-270.
Nederland’s Adelsboek, jaargang 88 (1999), ’s-Gravenhage, 486-492.
Johan. E. Elias (1963), De vroedschap van Amsterdam 1578-1795). Amsterdam, 537-539.
P.C. Molhuysen en K.H. Kossmann (red.) (1933), Nieuw Nederlandsch Biografisch Woordenboek. Leiden, 80-81.
Middelburgsche Courant, 17 december 1761, 1.
Nouvelles extraordinaires de divers endroits, 7 juli 1761, 4.
Opregte Groninger Courant, 22 mei 1761, 2.

Wilt u ook 4 keer per jaar het digitale magazine van AiN ontvangen met verhalen zoals deze? Word dan nu donateur! De Stichting Adel in Nederland heeft als doel het digitaal aanbieden van informatie over adel in Nederland in de ruimste zin. Voor € 17,50 per jaar kunt u donateur worden, ontvangt u 4 keer per jaar het digitale magazine en steunt u ons in onze werkzaamheden. Bovendien krijgt u voorrang bij door AiN georganiseerde excursies. AiN heeft de culturele ANBI-status en daardoor kunt u als donateur bij de opgave voor de inkomstenbelasting giftenaftrek krijgen.
Meer weten en opgeven als donateur? Stuur dan een mail naar info@adelinnederland.nl.

Afb. 2. Huis Beeckestijn in Velsen, familiebezit van de Boreels van 1742 tot in 1953.