Boekennieuws: Van zeepzieders tot eerste burgemeester van Amsterdam

Afb. 1. De auteur (rechts), jonkheer Alexander Elias, overhandigt een exemplaar aan John Töpfer, directeur stichting Adel in Nederland. Deze overhandiging vond plaats in de regentenkamer van het Burger Weeshuis in Amsterdam. Linksboven is het wapen te zien van jonkheer mr. Gerbrand Faas Elias (1784-1864), die regent van het Burger Weeshuis was in de jaren 1816-1864.

In 2016 werden de zogenoemde slangenpanden aan de Wijdesteeg in Amsterdam gesloopt. De panden waren bouwvallig en moesten plaatsmaken voor nieuwbouwappartementen. Tijdens de sloopwerkzaamheden van deze panden werd het fornuis van de 17e-eeuwse zeepziederij De Clock blootgelegd.

In 1608 verwierf Pieter Jacobzn Elias de brouwerij uit de 16e eeuw op deze plek en bouwde deze om tot zeepziederij. De ontdekking en latere blootlegging werden uitgevoerd onder toezicht van de Archeologische Dienst van de gemeente Amsterdam. Onder andere Het Parool en AT5 besteedde destijds aandacht aan deze unieke vondst.

Van Pieter Jacobzn Elias (1584-1632) stammen de huidige jonkheren Elias en Witsen Elias af. Als zeepzieder kwam hij tot groot aanzien. Amsterdam produceerde in de 17e-eeuw zeep van zeer hoge kwaliteit. Voorzien van de drie Andreaskruizen werd de zeep destijds op grote schaal geëxporteerd. Pieter Jacobzn Elias werd kerkmeester van de Nieuwe Kerk, heemraad van de Nieuwer-Amstel, overman van de zeepzieders, regent van het Dolhuis en Nieuwe-Zijds huiszittenmeester. Daarnaast verwierf hij bekendheid als leider van de contraremonstranten in Amsterdam. Hij en zijn nazaten maakten deel uit van de kleine groep van vermogende en invloedrijke Amsterdamse regentenfamilies.

Op de plaats van de gesloopte panden zijn inmiddels nieuwe panden verrezen. Op de binnenplaats van deze nieuwe panden is het fornuis heel fraai heropgebouwd. Op de heropgebouwde oven is ook een gedenkplaat aangebracht. Aangezien het fornuis op de besloten binnenplaats van het nieuwe complex staat, is deze slechts toegankelijk voor de bewoners.

Afb. 2 en 3. links: Het 17e-eeuwse fornuis van zeepziederij De Clock van Piet Jacobzn Elias. Foto met hartelijke dank aan jonkheer Roeland Elias. Rechts: De herinneringsplaquette op het fornuis. Foto met hartelijke dank aan jonkheer Alexander Elias.

De onthulling van de gedenkplaat, in aanwezigheid van de familie Elias, was meteen ook de gelegenheid voor de presentatie van het boek getiteld ‘Van zeepzieders tot eerste burgemeester van Amsterdam’, dat geschreven is door jonkheer mr. Alexander B.F. Elias. Hij heeft met dit boek de maatschappelijke opkomst en betekenis van zijn familie centraal willen stellen door deze in de gebeurtenissen van hun tijd te plaatsen.

Afb. 4. Het 17e-eeuwse fornuis van zeepziederij De Clock van Piet Jacobzn Elias. Foto met hartelijke dank aan jonkheer Roeland Elias.

De inleiding begint hij met de zin: ‘Dit is het verhaal van een familie die door historische ontwikkelingen is gevormd’ en deze historische ontwikkelingen vormen de leidraad in dit boek. In mooi, beeldrijk taalgebruik wordt de lezer vervolgens meegenomen in de geschiedenis van Nederland en de aanwezigheid daarin van de familie Elias; van de stamvader Herman de Cort in Brabant in de 15e eeuw tot aan jonkheer mr. David Willem Elias (1758-1828), die in 1814 in het nieuwe Koninkrijk de eerste burgemeester van Amsterdam werd.

Dit zeer verzorgd vormgegeven boek met mooie afbeeldingen ontstijgt het gemiddelde boek over familiegeschiedenis. Niet alleen voor wie meer over de opkomst en betekenis van de familie Elias wil weten is dit boek een aanrader, maar ook voor wie meer over onze Vaderlandse geschiedenis wil weten.

Het boek is te verkrijgen bij de auteur en meer informatie hierover kunt u krijgen via info@adelinnederland.nl.

Afb. 5. Naambord met de regenten van het Burger Weeshuis in Amsterdam in het jaar 1861. Als langstzittende regent staat de naam van jonkheer mr. Gerbrand Faas Elias bovenaan de naamlijst en is zijn wapen links bovenaan te zien.

Boekennieuws: Tussen Noordwijk en Renswoude. Mijn herinneringen aan Henk baron Taets van Amerongen van Renswoude

Afb. Op de voorzijde een pentekening van Calorama door de auteur Robert van Lit.

Tussen Noordwijk en Renswoude, recensie door Christine Sinninghe Damsté-Hopperus Buma

Op 21 februari van dit jaar vond in het koetshuis van buitenplaats Calorama in Noordwijk een genoeglijke presentatie plaats van het boek ‘Mijn herinneringen aan Henk baron Taets van Amerongen van Renswoude’ geschreven door Robert van Lit.

In dit boek haalt de auteur herinneringen op aan Henk Taets van Amerongen, waarmee hij ruim twintig jaar bevriend was. Van Lit brengt hiermee een ode aan een beminnelijke heer van stand, de laatste eigenaar en bewoner van Calorama. De baron leefde daar in dezelfde stijl als zijn voorouders. Hij hield zich voornamelijk bezig met het beheer van zijn bezittingen en genoot daarnaast van zijn collectie oldtimers die werden gestald in het koetshuis. Het was een allegaartje aan auto’s, waaraan hij met plezier kon sleutelen en waarmee hij zo nu en dan een tochtje maakte. Ook was de baron een liefhebber van de jacht. In Renswoude had hij een geheel uit hout opgetrokken jachthuis, dat overigens wel van een grote schoorsteen was voorzien. Bij een fraai gemetselde ruime openhaard konden de jagers zich na afloop van een jachtpartij behaaglijk installeren. Mooie verhalen werden daar verteld onder het genot van een goed glas wijn. Hoewel hij er zelf niet woonde, was Henk Taets van Amerongen zeer betrokken bij het reilen en zeilen van het ‘familiekasteel’ in Renswoude en besteedde hij daar ook veel tijd aan. Met name in de periode na de grote brand die had plaatsgevonden in november 1985.
Henk baron Taets van Amerongen overleed op 24 augustus 2015 en liet in Noordwijk een prachtig landgoed na dat tegenwoordig beheerd wordt door de Stichting Calorama-Everwijn-Taets van Amerongen, welke door de baron in het leven werd geroepen.

De auteur Robert van Lit is senior conservator van het Haags Historisch Museum en Museum de Gevangenpoort. Hij publiceerde veel over de geschiedenis van Den Haag en zijn woonplaats Wassenaar.
Het rijkelijk geïllustreerde boek, met enkele verdienstelijke pentekeningen door de auteur, is te bestellen via de boekhandel: ISBN 9789491229176
kosten € 12,50

Kasteel Sypesteyn zoekt uw steun

Afb. Kasteel Sypesteyn in Loosdrecht.
Afb. 1. Kasteel Sypesteyn in Loosdrecht.

Kasteel Sypesteyn is het bijzondere verhaal van jonkheer Catharinus Henri Cornelis Ascanius van Sypesteyn (1857-1937), de laatste mannelijke telg van dit oude geslacht, die een droom werkelijkheid deed worden en het (fictieve) stamslot van zijn voorouders herbouwde. Hiermee bouwde hij niet alleen een monument voor zijn familiegeschiedenis, maar uiteindelijk ook voor zichzelf. Het charmante kasteeltje bevat een rijke verzameling, die door jonkheer Van Sypesteyn is bijeengebracht: porselein, zilver, portretten, meubelen, enz.

Door het Coronavirus is het kasteelmuseum nu helaas dicht en ook zijn er geen inkomsten uit de horeca. Helpt u mee Kasteel Sypesteyn deze moeilijke tijden door te komen én te overleven als kasteelmuseum? Lees hier meer over hoe ú kunt helpen https://www.vriendenvansypesteyn.nl/

Afb. 2. De grote zaal op Sypesteyn met boven de schouw het portret van Johan de Witt (1625-1672), raadpensionaris van de Staten van Holland en Westfriesland.

 

Virtus scriptieprijs voor adelsgeschiedenis 2020

In 2020 reikt de Werkgroep Adelsgeschiedenis voor de derde maal de Virtus scriptieprijs voor adelsgeschiedenis uit.

De Virtus scriptieprijs wordt toegekend aan de beste (research)masterscriptie waarin een substantiële rol is weggelegd voor (een aspect van) de adelsgeschiedenis. De winnaar ontvangt naast de scriptieprijs een bedrag van 500 euro en krijgt de mogelijkheid de scriptie te bewerken tot een artikel dat, mits positief beoordeeld door de redactie en twee externe referenten, zal worden geplaatst in Virtus, Jaarboek voor adelsgeschiedenis.

Ingezonden scripties worden beoordeeld door een jury bestaande uit prof. dr. Koen Ottenheym (voorzitter), dr. Conrad Gietman, dr. Elyze Storms-Smeets en dr. Claartje Wesselink.

Meer informatie over Virtus scriptieprijs, zoals vereisten en contactgegevens, vindt u op: http://www.adelsgeschiedenis.nl/index.php/nl/scriptieprijs. Uiterlijke datum van inzending is 1 oktober 2020.

De Virtus scriptieprijs voor adelsgeschiedenis 2020 wordt mede mogelijk gemaakt door een subsidie van het Stichting Professor van Winter Fonds

Geboren: De van der Schueren

Afb. Het familiewapen De van der Schueren.

Hein Boudewijn ridder de van der Schueren, geboren Singapore 1 mei 2020, zoon van Reinier Teun Eduard ridder de van der Schueren en Baukje de van der Schueren née van den Heuvel.

Opsporing verzocht: klok gestolen op kasteel Twickel

Afb. De gestolen klok, die natuurlijk móet terugkeren op kasteel Twickel! Foto met hartelijke dank aan Stichting Twickel.

In de nacht van 11 mei is er ingebroken in kasteel Twickel. Een tafelklok met speelklokken uit 1790 is als enige ontvreemd. De klok is gemaakt door Andriese uit Grouw, met schilderingen van Schultze.

Kasteel Twickel is in zijn bestaan nooit verkocht en werd door de laatste eigenaresse Marie Amelia barones van Heeckeren van Wassenaar née Gravin van Aldenburg Bentinck (1879-1975) ondergebracht in een stichting, die niet alleen het kasteel, maar ook het uitgebreide grondbezit voorbeeldig beheert.

Link naar de website van Twickel https://twickel.nl/.

Afb. 2. Kasteel Twickel is één van de weinige kastelen in Nederland die in zijn bestaan nooit verkocht is, maar altijd vererfd.

Boekennieuws: Wapenzilver Twickel Weldam Middachten Amerongen

Afb.1. Wapenzilver – een uniek boek over zilver op vier kastelen.

Wapenzilver Twickel Weldam Middachten Amerongen, recensie door Janjaap Luijt

Er zijn verschillende manieren om een aantal voorname Nederlandse adellijke families en hun huizen samen te brengen in één boek. De wijze waarop Barend van Benthem dat deed, is aan de hand van het zilverwerk dat zij bezaten. Het uitgangspunt voor zijn studie was de collectie zilveren voorwerpen op kasteel Twickel. Van Benthem begon als vrijwilliger het zilverwerk van dit kasteel te beschrijven en inventariseren. Hij stuitte op verschillende familiewapens op het zilverwerk, waaruit onvermijdelijk een studie naar stamreeksen en parentelen volgde. Vanwege de familiare verbanden van de bewoners van Twickel, kwam ook het zilverwerk van de kastelen Weldam, Middachten en Amerongen binnen zijn blikveld met een uitgebreider onderzoek tot gevolg.
Het resultaat van zijn jarenlang onderzoek heeft Van Benthem gepubliceerd in een lijvig boekwerk met de titel Wapenzilver Twickel Weldam Middachten Amerongen; De vroegere bewoners en hun zilver 1550-1950.
Het boek beschrijft de verwantschappen van de generaties op de huizen vanaf de zeventiende eeuw aan de hand van de soms nog oudere zilveren voorwerpen met hun wapens. Voorafgaand aan een lijvige catalogus van al het zilverwerk van de kastelen Twickel, Middagten, Amerongen en Weldam, geeft Van Benthem een bondige beschrijving van de familieverbanden en van elk gezinshoofd en diens invloed op de zilververzameling. Van Benthem houdt daarbij een geografisch chronologische volgorde aan. Dat betekent dat hij per kasteel de bewonersgeschiedenis geeft in de vorm van een genealogie. Uiteraard vermelden die genealogieën feitelijke gegevens zoals geboorte, huwelijk en overlijden, maar ook wordt per generatie verhaald over het zilverwerk dat zij lieten maken, gebruikten of verkochten.
Voor het overzicht en als hulpmiddel heeft Van Benthem direct na het voorwoord een vereenvoudigd geneagram opgenomen van de families Van Wassenaer, Aldenburg, Bentinck, Raesfeld, Van Reede, Van Athlone, Van Heeckeren met hun onderlinge relaties, voor zover ze een van de genoemde kastelen bewoonden. Een voor een families die in hun tijd behoorden tot de Nederlandse elite en de getitelde adel van verschillende Europese landen.

Graveringen
Een belangrijke rol is weggelegd voor de graveringen op het zilverwerk en in het bijzonder de wapens en wapentekens. Zo komt ook de heraldische geschiedenis van elke familie aan bod komt. De gewoonte die te tonen wisselde met de tijd en laat duidelijk Duitse en Engelse heraldische gebruiken zien. Aan de hand van de graveringen weet Van Benthem te vertellen aan welke telg een zilveren voorwerp of ensemble toebehoorde, maar ook kan hij soms overtuigend voorwerpen dateren. Dat doet hij bijvoorbeeld aan de hand van de versierselen van de Deense Orde van de Olifant, dat aan een aantal familiewapens is toegevoegd.
Door huwelijken en verervingen raakten de stukken soms op drift. Ook kon het zilverwerk dat ‘thuis hoorde’ op het ene kasteel eenvoudig op het andere terechtkomen, omdat families op beide woonde. Aan de hand van die wapens wist Van Benthem van verschillende stukken de herkomst te bepalen, wat een aantal maal leidde tot uitwisseling van voorwerpen tussen twee collecties.

Catalogus
Het zilverwerk verdeelt Van Benthem in twee categorieën: de ensembles en de losse voorwerpen. Onder ensembles rekent hij een cluster van voorwerpen dat lange tijd één geheel vormt en steeds als groep is vererfd. Sommige van die ensembles hebben hun eigen naam, zoals het ‘Gaildorf-zilver’, de couverts ‘model Wassenaer’, het ‘Aldenburg-servies’ en het ‘Orange-stel’.
In de categorie losse voorwerpen onderscheidt Van Benthem het zilver dat bij het huis hoorde, respresentatiezilver en zilver voor dagelijks gebruik. Op het zilver dat hoorde bij het huis, waren de bewoners over het algemeen erg zuinig. In inventarissen komen dergelijke stukken steevast als eerste aan bod. Behalve de eerder genoemde ensembles, waren dit ook opmerkelijke stukken, zoals een elandspoot voorzien van zilverbeslag of de vergulde doos waarin de akte van overdracht van de heerlijkheid Amerongen werd bewaard.
Representatiezilver was vooral bedoeld om indruk te maken op belangrijke gasten. Van dit zilverwerk namen de eigenaren makkelijker afscheid, bijvoorbeeld in financieel krappe tijden of als de mode nieuwe modellen voorschreef. Zo werd veel zilver uit de nalatenschap van Jacob IV van Wassenaer verkocht om het uitgavenpatroon van zijn zoon Jan te kunnen dekken en bleef van het servies dat de 2de graaf van Athlone aanschafte in 1714 weinig meer over, omdat het werd gebruikt als grondstof voor een nieuw servies.
Het overgeleverde dagelijkse zilver toont vaak zware gebruikssporen en omvat voornamelijk antieke stukken die de families pas in de 19e en 20e eeuw hebben teruggekocht bij antiquairs en weer aan de collectie zijn toegevoegd, waar ze oorspronkelijk toebehoorden..

Oordeel
Dit boek bedient verschillende doelgroepen: de historisch geïnteresseerden in heraldiek en familiaire allianties, zilververzamelaars en kunstliefhebbers. Elke groep komt ruim aan zijn trekken en door de heldere vertelstijl en de grote hoeveel kennis die Van Benthem deelt, steken die doelgroepen ook nog veel op van het vakgebied van de andere. Met het lezen van dit boek realiseer je hoe bepalend familiebanden zijn geweest voor de historische zilvercollecties van deze vier kastelen.

Barend J. van Benthem, Wapenzilver Twickel Weldam Middachten Amerongen; De vroegere bewoners en hun zilver 1550-1950 (Waanders & De Kunst, Zwolle), 2019, 21 x 26 cm, 448 pag., ca. 1000 ill., gebonden. ISBN 9789462622630. € 69,50.

Afb. 2. De achterzijde van kasteel Twickel.

De schatten van kasteel Cannenburch

Afb. 1. Schatten op kasteel Cannenburch: links het portret van Johan Hendrik van Isendoorn à Blois (1666-1703) en rechts kasteel Cannenburch in de sneeuw door Louis Apol. Foto’s met dank aan Stichting Vrienden der Geldersche Kasteelen.

Kasteel Cannenburch werd eeuwenlang tot in 1881 bewoond door de baronnen D’Isendoorn à Blois. De Stichting Vrienden der Geldersche Kasteelen beheert het kasteel sinds 1950 en heeft het zó ingericht alsof de familie D’Isendoorn even weg is.

Vanaf 1 juni is het kasteel waarschijnlijk weer te bezoeken en kunt u zien hoe een Gelderse adellijke familie hier met grandeur leefde. Bent u nu al benieuwd naar topstukken op Cannenburch? Kijk dan op https://www.collectiegelderland.nl/zoeken?term=cannenburch&filter=search_s_has_media-Ja en ontdek welke schatten hier te bewonderen zijn: zilver, meubelen, portretten en nog veel meer.

Houd onze website in de gaten voor de openstelling of kijk op https://cannenburch.glk.nl/alles-over-kasteel-cannenburch/openingstijden-entree/

Afb. 2. Kasteel Cannenburch in Vaassen met zijn kenmerkende toren, die ooit de toegang vormde tot het kasteel.

 

Boekennieuws: Zeeuwse regenten in Parijs

In 1772 maakte de Zeeuwse regent en admiraal Johan Steengracht met zijn zoon Nicolaas en zijn vriend Daniel Radermacher een reis naar Parijs. Het verslag dat Steengracht hierover schreef bevat meer dan vijftig in Parijs gekochte gravures en wordt in de bibliotheek van kasteel Duivenvoorde te Voorschoten bewaard, hij was de voorvader van latere eigenaren van het kasteel.

Jonkheer mr. Nicolaas Steengracht, heer van Oosterland, Sirjansland en Oosterstein, heer in Oud- en Nieuw-Vossemeer en Vrijberghe (1754-1840), werd in 1814 erkend als edele van Zeeland en zijn nakomelingen leven voort als jonkheren Steengracht van Moyland (de Chef de Famillie heeft de titel baron bij eerstgeboorte) en jonkheren Steengracht van Oostcapelle. Een dochter van Daniel Radermacher, Maria Elisabeth Radermacher (1762-1818) huwde mr. Joachim Assuërus Schorer (1748-1823) en hun nakomelingen leven voort als jonkheren Radermacher Schorer.

Irene Storm van Leeuwen-van der Horst, bibliothecaris van kasteel Duivenvoorde, heeft het Reisjournaal naar Parijs onderzocht. Haar publicatie hierover is verschenen onder de titel Zeeuwse Regenten in Parijs. De reis van Johan Steengracht met zijn zoon Nicolaas en Daniel Radermacher naar Parijs in 1772.

Het gefortuneerde gezelschap stond aan de liberale kant van het protestantisme en was bewonderaar van de vrijdenker Voltaire. Overdag bezochten zij stadspaleizen en buitenplaatsen, ’s avonds waren zij in theaters en pretparken te vinden. Vader Steengracht liet zijn net afgestudeerde zoon kennis maken met de Franse cultuur en introduceerde hem in de wereld van de diplomatie. De drie reizigers staken hun kritiek op de spilzieke Franse koning Lodewijk XV met zijn vele maîtresses niet onder stoelen of banken. Ook toen heerste er een pandemie; de uitbraak van het pokkenvirus. Steengracht en de zijnen hadden zich succesvol laten vaccineren, de Franse koning stierf eraan.

Het boek bevat biografieën van de reizigers, een inleiding over de historische achtergronden en een navertelling in modern Nederlands. Het is rijk voorzien van afbeeldingen van voorwerpen uit de depots van Duivenvoorde. Tevens zijn alle bijgebonden gravures afgebeeld.
In 2017 heeft mw. Storm van Leeuwen gepubliceerd over de eerdere reis van Steengracht naar Londen onder de titel: Reislustige Zeeuwse Regenten. De reis van Isaac en Paul Hurgronje, Paulus Ribaut en Johan Steengracht naar Londen in 1769 (ISBN: 9789087046101).

Beide boeken kunnen worden besteld bij Uitgeverij Verloren te Hilversum https://verloren.nl/ ,maar zijn ook zijn te koop in de landgoedwinkel van Kasteel Duivenvoorde en boekhandel De Kler in Voorschoten.

Boekennieuws: Wan Bon door Isabel van Boetzelaer

Afb. Wan Bon is het tweede boek van Isabel barones van Boetzelaer.

Wan Bon is pas verschenen en wordt aangekondigd als ‘een ontdekkingsreis door het Suriname van toen en nu en een bijzondere vriendschap’

Met haar nieuwste boek heeft Isabel van Boetzelaer een literaire vorm gegeven aan de memoires van een ervaren verslaggever, die al ruim dertig jaar lang Suriname heeft bezocht en verslag heeft gedaan van de historische en recente geschiedenis van dit land, dat al zo lang verbonden is geweest met Nederland.

Isabel debuteerde enige jaren geleden met het boek Oorlogsouders, het familieverhaal van lief en leed in de oorlog, dat de storm van kritiek wist te weerstaan. En de verslaggever Aad Wagenaar kennen wij uit de bundel ‘Van Adel’ uit 1990, een serie interviews van bekende adellijke personen, met welk boek hij in dat jaar de prijs voor de dagbladjournalistiek won.

Isabel en Aad maakten een reis door Suriname, waarbij zij bijzondere ontmoetingen hadden en waarbij Aad steeds de verteller was en Isabel de luisteraar. Uiteraard komen vele aspecten van Suriname aan de orde: de slavernij, de samenstelling van de bevolking, de tropische natuur en natuurlijk ook de vraag hoe het mogelijk is, dat dit land nog steeds wordt bestuurd door een regering onder leiding van een man als Bouterse. Een aanrader dus voor allen die Suriname willen leren kennen.

Dolph Boddaert